Wind, zand en visnetten

7-11-2010

Na het uitzwaaien van alle vrienden zijn we van plan snel door te varen richting Las Palmas, aan de andere kant van het eiland. Dit vertrek wordt echter steeds weer een dag uitgesteld om diverse redenen: Maren en Linde worden ziek (voor de eerste keer tijdens onze reis overigens) en de dagen daarna zijn ze nog heel erg moe. Geen ideale situatie om te gaan varen want dan ligt zeeziekte op de loer. Bovendien is het weer, met name de wind, een beetje onstuimig. Er zijn harde windstoten met uitschieters tot meer dan 30 knopen en kilo’s Sahara-zand komen zó de oceaan overvliegen, om vervolgens te landen op de Seaquest. Ongelofelijk! Huib Jan heeft de boot net grondig gepoetst maar daar is weinig meer van over.

Door alle uitstel van vertrek begint onze watervoorraad echter wel op te raken. In de haven is het water niet schoon genoeg om de watermaker aan te zetten en water tanken op de steiger zien we hier ook niet meer zo zitten. We doen een week lang extra zuinig met het schaarse vocht. Dat betekent bijvoorbeeld douchen op de steiger -met koud water- en de wasmachine vullen met water rechtstreeks van de steiger, met een geïmproviseerde waterslangconstructie. Als we vrijdag 5 november eindelijk de trossen losgooien, zijn onze watertanks tot de laatste druppel leeg en de watermaker draait dan ook de hele dag om onze voorraad weer aan te vullen.

Deze tocht (de ‘generale!’) besluiten we langs de westkant van Gran Canaria te gaan, in tegenstelling tot het advies van de havenmeester. Zo proberen we de invloed van wind en zand iets af te zwakken, in de luwte van het eiland. Dit besluit pakt gelukkig goed uit en we zeilen heel relaxed op redelijk vlak water langs de kust met steile grijsrode rotsen. De vliegende vissen ketsen tegen het volblauwe water van de zee. De ‘acceleratiezones’ (soort windversnellingen) rond de Canaren zorgen voor een zeer afwisselende tocht: het ene moment liggen we bijna stil en het andere moment ‘speren’ we vooruit door de windverschillen.

Na een paar uur varen is de wind ‘op’ en moeten we verder op de motor. Op zich prima, tot we een grote klap horen en de boot vervolgens gaat trillen. Wat is dit?!? Er blijkt een visnet in de schroef te zitten. Foute bingo. We reageren instinctief op de juiste manier door de motor in de achteruit te zetten en… we zijn weer los... oef! De ‘rope cutter’ (scherpe mesjes rond de schroefas) doet haar werk gelukkig goed en alles loopt met een sisser af.

Bij aankomst in Las Palmas is de zon al ondergegaan. We verdwalen bijna tussen de container- en cruiseschepen die in- en uitvaren en voelen ons erg nietig in ons ‘kleine’ bootje. Bovendien hobbelt de zee hier behoorlijk, dus we moeten nog even op de tanden bijten tot we naar binnen mogen. Als we eindelijk in rustiger water zijn, besluiten we eerst een paar dagen te gaan ankeren, met uitzicht op de haven waar we over twee weken vertrekken met de ARC. Nog even een paar dagen rust, voordat we ons op de voorbereidingen en in het feestgedruis gaan storten.

Automatisch op de hoogte blijven van onze reis? Meld je aan via bovenstaande rss-button!