Feestje op Curaçao

19-7-2011

We vermaken ons deze week weer prima op en rond de boot, te beginnen aan de mooring bij Kralendijk. Bonaire vinden we nog steeds heerlijk. En dat is precies de reden dat we er al zo lang liggen. Een prachtige schuilplek voor het orkaanseizoen. Toch worden we een beetje onrustig want op een boot moet je gewoon zo nu en dan de wind in de zeilen voelen.

We komen helemaal in de stemming, als we een dagje met Adriënne en Gerard gaan vissen. Het visgerei liegt er niet om aan boord van de Blue Fin en de verwachtingen zijn dan ook hooggespannen. Het zeilen is prachtig en de ‘catering’ door Adriënne is niet te versmaden en dat is maar goed ook want wát we ook proberen: géén vis aan de haak… We zoeken wat afleiding bij Klein Bonaire, waar we gaan snorkelen en duiken, om vervolgens onverrichter zake weer naar Bonaire terug te keren. Plezier hebben we echter des te meer die dag en dat maakt alles goed.

Ook maken we weer een paar duiken en Huib Jan maakt zelfs zijn eerste reddingsduik: de trap van de Blue Fin is overboord gevallen en ligt zo’n tien meter onder de wateroppervlakte. Per abuis gooit Huib Jan er nog even de snorkeluitrusting van Linde achteraan et voilà: de eerste uitdaging onder water is geboren. Als de duikspullen gereed zijn (misschien wel de grootste uitdaging van het duiken), is het klusje zo geklaard. De spullen komen vijf minuten later ongeschonden weer boven water en Huib Jan is weer een duikervaring rijker in zijn logboek.

Donderdag gooien we onze bijna vastgeroeste lijnen los van de mooring in Kralendijk, na ruim zes weken Bonaire. We willen Thijs en Wilma gaan verrassen op Curaçao, op de verjaardag van Thijs. Dat is meteen een goed excuus om weer te zeilen. Voordat we het zeegat kiezen, besluiten we nog even diesel te gaan tanken. Bij de dieselpomp staan we te klungelen met lijnen en stootwillen, die wekenlang werkeloos in de bakskisten hebben gelegen. De matrozen op de Seaquest wennen blijkbaar snel aan het zalige nietsdoen.

De ruim 30 zeemijlen naar Curaçao zijn een cadeautje. De wind trekt gelukkig iets aan en uiteindelijk is er nét genoeg wind om heerlijk ‘voor het lapje’ te zeilen. Onderweg worden de kinderen door omi verwend met ieder een nieuw boek. Huib Jan en Maren poetsen de lieren, Linde slaapt en omi en Jannet zijn vliegende keep aan boord. Halverwege de tocht krijgen we gezelschap van een grote groep dolfijnen, zo’n 30 naar schatting, die vrolijk om de boot heen dansen. Het blijft een feest, iedere keer weer als ze ons bezoeken. Even later spot Huib Jan een haai naast de boot. Oók indrukwekkend – maar dan anders.

Na 6 uurtjes zeilen varen we het Spaanse Water van Curaçao op. Wilma en Thijs (helemaal verbaasd…) staan ons op te wachten op de steiger en het is meteen weer ‘als vanouds’. Thijs zijn verjaardag vieren we met taart, ballonnen, zelfgemaakte cadeautjes en een gezellig etentje. We snuffelen een beetje rond op Curaçao en vermaken ons op het strand, ons ‘voorbereidend’ op een langer verblijf hier in augustus.

Ondertussen blijven technische mankementjes aan boord komen en gaan. Deze week gooit onze generator er (voor de zoveelste keer) het bijltje bij neer. De temperatuur loopt steeds op en als gevolg daarvan slaat de generator af. Het probleem van een paar weken geleden blijft terugkomen en de echte oorzaak hebben we blijkbaar nog steeds niet gevonden. Huib Jan brengt vervolgens heel wat uurtjes in de machinekamer door. Impeller, warmtewisselaar, thermostaat, pompen: alles werkt naar behoren. Uiteindelijk vindt hij de boosdoener: een verstopte koelvloeistofleiding naar het expansievaatje. Dat klinkt voor de hand liggend maar in werkelijkheid ligt het iets gecompliceerder. Enfin, om een lang verhaal kort te maken: het probleem lijkt nu écht opgelost!

Een ander vervelend zaakje is een penetrante vislucht, die sinds deze week in de badkamer hangt. We keren alles binnenstebuiten en spoelen alle leidingen extra goed door. Maar de oorzaak is onvindbaar en de misselijkmakende geur blijft; pál naast de slaapvertrekken van de kinderen en van omi wel te verstaan… We zetten daarom maar heel veel luikjes open en hopen op betere tijden. Een paar dagen later verdwijnt de stank gelukkig weer even wonderbaarlijk als deze is gekomen. Waarschijnlijk is er een vis in één van de inlaten gezwommen, wat een dagenlang durend geurspoor heeft achtergelaten. Maar zeker zullen we dat nooit weten.

Nu is het wachten op een goed moment om terug te gaan naar Bonaire. Want zo gemakkelijk als het was om hier te komen, zo lastig kan het zijn om terug te zeilen, door golven, stroming en tegenwind. Wordt vervolgd…

Automatisch op de hoogte blijven van onze reis? Meld je aan via bovenstaande rss-button!