Back to school

11-9-2011

Deze week beginnen we, na zes weken vakantie, weer met school. Dat is even wennen maar er komt daardoor wel weer meer structuur in de dagen en in de weken en dat is fijn en ook weer nodig. Vijf ochtenden per week 'doen' we school en in het weekend is het weekend. Juf mem zet haar beste beentje voor maar vooral Maren heeft zin om nieuwe dingen te leren. Dat de eerste week vooral veel herhaling van groep 3 is, is voor haar dan ook een tegenvaller. Ook Linde begint een beetje mee te doen in de schoolbanken, voor spek en bonen, ter voorbereiding op haar daadwerkelijke start op het Seaquest-college vanaf november.

De laatste dag van de vakantie bezoeken we de maandelijkse open dag van Landhuis Ascension, samen met Etienne en Denise (La Luna). Er is een markt in en rond het landhuis, met lokale kunst, lokale muziek en lokaal eten. Een beetje kneuterig en daardoor gewoon leuk. Bovendien krijgen we een rondleiding, waarin meer wordt verteld over de geschiedenis van het landhuis en de slavernij op Curaçao.

Daarna rijden we door naar de galerie van ‘self made’ kunstenares Nena Sanchez, gevestigd in Landhuis Kok, een kunstenares die helemaal verweven is met Curaçao. We worden overspoeld door de kleurrijke, bijna kinderlijke kunst waardoor we niet anders kunnen dan helemaal vrolijk worden. Eenmaal weer aan boord zitten Maren en Linde zo vol inspiratie, dat ze direct verf en kwasten uit de kast halen.

Ik (het is bijna onvermijdelijk nu op de ik-vorm over te schakelen) heb het lang volgehouden zonder kapitein aan boord maar na twee weken begint alles op te raken: de gastank is leeg en ook de watertank krijgt heel veel dorst. Etienne biedt de helpende hand met het wisselen van de gasslang. Toch wel fijn, een man in de buurt ;-). Water maken we normaal gesproken zelf met de watermaker. Aangezien dit een kleine ingewikkelde waterfabriek is, waag ik me daar maar niet aan. Gelukkig is de oplossing nabij: op het Spaanse Water vaart een waterboot, die 1000 liter vers water overpompt naar de Seaquest. De waterboot wordt gerund door één van de vele zeilers (zeilster in dit geval), die hier ooit is aangekomen en, ongepland, nooit verder is gevaren. Tja, en dan moet je iets voor de handel gaan doen. Een gat in de markt in dit geval.

Zaterdag groeit de techniek aan boord me boven de pet, als de generator niet meer wil starten. Verdikkeme! Heb ik het twee weken zonder hulp gered en nou moet ik op de valreep toch nog met Nederland bellen. Maar ook met een hulplijn naar de kapitein krijg ik het niet voor elkaar ‘dat ding’ te repareren en dus schakel ik over op plan B: de motor starten en zo de accu’s maar laden. Nog maar twee nachtjes en dan is de kapitein (tevens monteur) weer aan boord. De buren doen ondertussen hun vingers maar even in de oren als ik stroom moet draaien.

Tot overmaat van ramp stap ik op een zee-egel als we een verkoelende duik nemen in zee. Gelukkig is de ‘schade’ niet erg groot maar het is wel irritant gevoelig tijdens het lopen. ‘Zuster’ Denise biedt resoluut de helpende hand en stopt mijn voet in heet water met citroen om het gif te neutraliseren. En het werkt: binnen een paar dagen zijn de stekels en het akelige gevoel weg.

Ondertussen sterken we ons met ‘batidos’: vers fruit shakes, die je hier overal langs de kant van de weg koopt. De overheerlijke vitamine-bommen smaken het állerlekkerst als je ze laat maken door een ‘vrouwtje’ (hoe omschrijf ik het anders?) in een oude, opgevrolijkte caravan. Typisch Curaçao.

Vrijdagmiddag lunchen we met Etienne en Denise bij Plasa Bieu: een grote open eethal in hartje Willemstad. Hier schuiven locals en toeristen aan lange rijen tafels aan. De menukaart is een stuk karton en daarop staat het menu met de hand geschreven. In de gaarkeukens bereiden de ‘moekes’ de heerlijkste lokale gerechten. Het is er een gezellig gekrioel van mensen. Dat noemen ze nou Curaçao ervaren.

Met goed gevulde buikjes rijden we door naar de Hato grotten, grotten die ooit door de zee zijn uitgeslepen uit koraalsteen. Hoewel we maar een tipje van de sluier krijgen te zien, zijn we verbaasd hoe mooi de grotten zijn: prachtige vormen koraalsteen, stalagmieten, stalagtieten, zoetwaterbassins en vleermuizen die ons om de oren vliegen. Vroeger waren de grotten een geliefde schuilplaats voor slaven, tot de landheer de grotten dichttimmerde.

Maren en Linde gaan deze week twee keer een middag naar ‘juf’ Linda, voor een knutsel- en een kookles. Ze hebben het daar reuze naar de zin met de andere kinderen en maken bovendien de mooiste en lekkerste dingen. Er worden al weer plannen gesmeed voor de komende week. Maar eerst bereiden we ons voor op de thuiskomst van onze kapitein. We hebben ons prima vermaakt en weten dat we heel wat aankunnen zonder onze zeebonk aan boord. Maar mét is toch leuker…

Automatisch op de hoogte blijven van onze reis? Meld je aan via bovenstaande rss-button!