Tonga - Fiji

7-7-2012

Vrijdag 29 juni, 14.00 uur: de Seaquest en de Luna Verde verlaten de mooie wateren van Tonga, nadat we zijn uitgeklaard en op het allerlaatste moment nog wat souvenirs hebben 'gescoord'. We varen tussen de eilandjes van Tonga door naar volle zee, richting Fiji, ruim 500 mijl naar het westen.

De wind komt pál van achteren. Hmmm, dat is jammer want dan is de Seaquest niet op haar best. Het betekent geslinger van links naar rechts, klapperende zeilen en minder snelheid doordat we onze Genua niet uit kunnen bomen (Wonderbaarlijk genoeg zit ons onderwant in de weg; constructiefoutje zeg maar...) Het is dan ook continu zoeken naar de meest comfortabele koers en zeilvoering, waarbij we ook nog een beetje snelheid kunnen maken.

Deze reis hebben we een extra handicap: de grib files met de windvoorspellingen kunnen we niet downloaden, omdat de kaart ophoudt (en aan de andere kant weer begint) bij 180 graden west/oost. Er zit een 'zwart gat' in de kaart, precies in het gebied waar wij varen. We spenderen 80 Euro aan de satellietverbinding om de juiste grib files te verkrijgen maar zonder resultaat. Grrr! Gelukkig krijgt Thijs het wél voor elkaar en hij voorziet ons zo nu en dan mondeling, via de marifoon, van een update. Zo varen we toch niet helemaal rond als een kip zonder kop. Al met al gaan we redelijk comfortabel en met een acceptabele snelheid een beetje zigzaggend op ons doel af.

De dagen glijden voorbij en als we zijn ingeslingerd vermaken we ons in de eerste plaats met de koers en zeilvoering maar ook met lezen, wegdromen bij luisterboeken, filmpje kijken, kokkerellen, staren naar de horizon en slapen. En de kinderen? Die spelen uitgebreid 'Panamakanaaltje'. Onze reis inspireert.

Zondagmorgen vroeg passeren we de 'Bounty-passage' en daarmee manoeuvreren we tussen de eerste van de vele eilandjes en atollen door die Fiji rijk is. Overigens zijn we daarmee nog lang niet op onze plaats van bestemming want we zijn pas op de helft. Maar de zee wordt vanaf dat moment alsmaar rustiger; de deining is weg omdat we in de beschutting van de eilandjes komen. Dat is heerlijk varen. Het betekent echter ook dat de wind soms ver te zoeken is. Zo nu en dan moeten we de motor starten om vooruit te komen i.p.v. achteruit te gaan. Maar de Volvo bromt lekker en de zee is rustig dus wie doet ons wat?

Zondagavond hebben we weer een mijlpaal in onze reis: we gaan van het westelijk halfrond naar het oostelijk halfrond! Twee jaar geleden gingen we van oost naar west, kort na ons vertrek uit Nederland, en zo voeren we steeds verder weg van ons kikkerlandje. Maar op de plotter staat nu weer de oude vertrouwde 'O' bij onze positie i.p.v. een 'W' en dus komen we vanaf nu weer steeds dichter bij de 5 graden lijn van Nederland. Deze 'grens' roept natuurlijk de nodige vragen op bij de meisjes én het prikkelt de fantasie: toen we de evenaar overvoeren, op weg naar de Galapagos, kwam Neptunus aan boord. Dus wie komt er nu aan boord? De Oosterman! Maren, geïmproviseerd verkleed als ‘Oosterman’, heet ons met plechtige stem van harte welkom aan de andere kant van de wereld als de plotter verspringt van 180 West naar 180 Oost.

Van maandag- op dinsdagnacht naderen we onze plaats van bestemming: het eiland Viti Levu. We varen op de radar tussen de riffen en ondieptes door op een werkelijk spiegelgladde zee, door een opvallend heerlijk geurende lucht van Indiase kruiden. Om 03.00 uur lokale tijd gooien we ons anker uit, tegelijk met de Luna Verde. We hangen de gele Q- vlag in top, ten teken dat we nog moeten inklaren, en duiken vervolgens onze bedjes in om nog wat te slapen.

De volgende ochtend gaan de mannen met frisse moed naar customs & immigration in de plaats Lautoka om officieel toegang te krijgen tot Fiji. Het 'advance information of arrival'-formulier hadden we op Tonga al ingevuld en digitaal opgestuurd, om de procedure te versoepelen. Daarop moesten we o.a. specificeren hoeveel alcoholische drank we aan boord hebben. Bij het uitklaren over een paar weken doen we dat weer en over de genuttigde dranken moeten we een forse tax betalen. Uiteraard hebben we niet ál te nauwkeurig geteld...

Het inklaren blijkt nog een hele klus, waarvoor je een lange adem, veel geduld, nóg meer overredingskracht en zo nu en dan een beetje ellebogenwerk nodig hebt. Na een inspectie van de boot (ze zoeken gelukkig niet ál te grondig...), twee taxiritten verder en het doorwroeten van een 10 cm dikke stapel papierwerk kunnen we 'slechts' zes uren later ankerop voor de laatste mijlen van deze reis.

Nét voor zonsondergang zijn we in Musket Cove Marina, op het eilandje Malolo Lailai, waar we op de steiger letterlijk worden opgevangen door de rest van de ARC-vloot. Een warmer welkom kunnen we ons niet wensen. En verder is het hier ook 'niet verkeerd': de marina is onderdeel van een resort, met alle bijbehorende faciliteiten als een zwembad, watersporten, een supermarktje, restaurants en een goede internetverbinding (eindelijk!) Maar het mooiste van alles is ons uitzicht: door het tijverschil valt het direct achter de boot twee keer per dag droog, waardoor we een beetje het gevoel hebben dat we op de Waddeneilanden zijn. Maren en Linde stappen 's ochtends zó van de boot op het strand en zoeken krabbetjes, kwallen, zeesterren en andere, voor ons vreemdere soorten, zeedieren.

Het is nog een paar dagen gezelligheid troef met de ARC, met een barbecue op het strand, een middag met sport en spel, Fijiaanse dansen, etc. En dan zwaaien we zaterdagochtend, met tóch wel een beetje pijn in ons hart, de andere ARC-schepen uit. In een half jaar tijd hebben we veel samen beleefd maar vanaf nu willen we ons reistempo verlagen en ook gebieden bezoeken die de ARC overslaat. Dat vooruitzicht is goed maar het is ook even slikken. Want afscheid nemen blijft moeilijk. Tijd voor een kopje koffie met Thijs en Wilma.

Automatisch op de hoogte blijven van onze reis? Meld je aan via bovenstaande rss-button!