Fiji: de Yasawa's

4-8-2012

We hebben het er maar druk mee deze week: het vinden van een geschikte ankerplek. Maar 'geschikte' is dan ook een zéér veranderlijk begrip.

Eerst even terug naar het begin van de week. De zon schijnt weer volop en de harde wind heeft plaatsgemaakt voor een mooi zeilbriesje. Zondag verlaten we daarom Musket Cove; op naar de Yasawa's, zo'n 30 mijl verderop, waar we al een paar weken van dromen. De Yasawa-groep is de meest noordwestelijk gelegen eilandengroep van Fiji en de eilanden zijn 'bemind' om hun witte stranden, blauwe baaien, grillige berglandschappen, authentieke dorpjes en mooie snorkelplekken. Onder zeil manoeuvreren we tussen het ene na het andere onbewoonde eilandje door. Het is erg verleidelijk om meteen al bij het eerste eilandje ons anker uit te gooien, een kokosnoot uit de boom te halen en met onze billen bloot op het strand te gaan zitten. Maar we weerstaan de verleiding.

Het is een heerlijke tocht en net voordat het donker wordt willen we ons anker uitgooien in een aantrekkelijk uitziend baaitje. Maar daar klappen we plotseling keihard met ons roer op een koraalrif. Oeps! En er liggen er nog veel meer verscholen onder het wateroppervlak. We spelen liever op safe en kiezen voor een andere baai: Waikoka baai, tussen de eilandjes Waya en Waya Lailai. Inmiddels is het donker als we daar aankomen en dus is ankeren alsnog een gok. Maar onze inmiddels zeer ervaren kapitein loodst ons in het licht van de maan naar een veilige ankerplek. Helemaal alleen ligt de Seaquest in een prachtig beschutte baai met wijds uitzicht op zee, wát een uniek gevoel!

Op maandagochtend willen we, voordat we met school beginnen, even lekker naar het strand om wakker te worden. De boterhammen, een fles mangosap en vers fruit nemen we mee als ontbijt. Nog voordat we voet aan wal zetten worden we welkom geheten door de lokale jeugd met een blij 'Bula!' vanaf het strand, waar we helemaal vrolijk van worden. Ze vinden het maar wát leuk dat we er zijn, laten ons dan ook geen moment alleen en vragen ons de oren van het hoofd. Ons ontbijt verdelen we in kleinere porties en zo is er voor iedereen wat lekkers bij. Samen gaan we daarna schelpjes zoeken (Linde), hardloopwedstrijdjes doen (Maren) en slenteren over het strand. Bij eb zijn de twee eilanden zijn door een smalle 'sand bridge' met elkaar verbonden: een prachtplek met speervissende vrouwen die het plaatje helemaal áf maken. De kinderen van Waya Lailai moeten naar school (en wij trouwens ook) en daarom nemen we na een paar uurtjes weer afscheid van elkaar. Wát een onverwacht unieke ochtend!

We varen naar Likuliku baai aan de noordwestkant van Waya, waar we ons anker uitgooien bij Octopus resort. 's Nachts liggen we behoorlijk te rollen in de baai en dus ook in onze bedjes. Oei. Dat is toch weer even wennen, na drie weken zo vast als een huis te hebben gelegen in de beschutting van een marina. En het is compleet tegen alle voorspellingen in. Ach, denken we nog, als we eenmaal weer gewend zijn aan het schommelen valt het vast wel mee...

De concentratie in de schommelende schoolbanken is die ochtend echter ver te zoeken, zowel bij de juf als bij de leerlingen. We maken van de nood een deugd en vluchten 's middags naar het resort waar we meer dan welkom zijn en gebruik mogen maken van alle faciliteiten, inclusief zwembad. Nou, daar kunnen we wel aan wennen! Maar de vreugde is van korte duur want even later is de branding angstaanjagend en verderop zien we de Seaquest wild tekeer gaan. Tijd voor actie. Tijd voor ankerop. We wagen ons in de dinghy door de branding heen, springen op een gunstige golf aan boord van de Seaquest en varen naar de oostkant van Waya, in de beschutting van het eiland. Dat blijkt een goede keuze.

Na een rustige nacht proberen we het een dag later opnieuw bij Octopus Resort maar de geschiedenis herhaalt zich: opnieuw gaan we aan het eind van de middag halsoverkop ankerop en opnieuw brengen we de nacht noodgedwongen door aan de oostkant van Waya. Deze keer hebben we pech want de baai is niet meer zo beschut als de nacht ervoor. Dat is ronduit vermoeiend en we besluiten daarom de volgende ochtend een eiland noordelijker te gaan, naar Naviti. Dat is slechts 7 mijl varen maar het is een pittig tochtje: strak aan de wind en veel gehannes met ons grootzeil, dat vast komt te zitten in de mast. Net als altijd loopt het ook deze keer goed af maar het geeft toch een hoop stress.

Dat onze eigen waarneming tijdens het varen minstens zo belangrijk is als een kaart, blijkt maar weer eens als we tussen de riffen bij Naviti door varen. De kaarten zijn hier namelijk niet altijd (lees: altijd niet) zo betrouwbaar als thuis. Als we de kaart op de plotter hadden gevolgd, dan was ons schip nu gezonken en waren wij onderweg naar huis geweest. Gelukkig hebben we nog een paar goede ogen en een beetje gezond verstand maar toch blijft het een raar gevoel als je volgens de kaart pal over een rif heen vaart.

We vinden een min of meer beschutte ankerplek maar echt lekker slapen doen we wéér niet, aangezien de wind aantrekt en we daardoor steeds onrustiger liggen. En dus gaan we de volgende dag wéér ankerop, op zoek naar een rustigere plek. Die vinden we in Cuvu baai, waar we die nacht heerlijk slapen. Hèhè! Eindelijk een mooie én rustige plek gevonden! Niet dus...

Zaterdagmiddag gaan we in onze dinghy naar het resort om de hoek. We maken daar kennis met een traditionele manier van voedsel bereiden, de 'lovo': in een gat in de grond wordt op hete kolen een complete maaltijd, verpakt in bananenbladeren en afgedekt met o.a. bladeren en aarde, in twee uur gaar gekookt/gerookt. We maken helaas alleen de bereiding van de lovo mee want als we vanaf het strand een blik op de Seaquest werpen, is de baai veranderd in één grote kermis. Waar we net nog vredig aan de ankerketting lagen, gaat de Seaquest nu 'als een gek' tekeer. Zo blijkt maar weer, de natuur laat niet met zich sollen en we hebben geen keus: terug naar de boot en ankerop. Er is één probleem: het wordt al donker en nergens bij Naviti is wél een geschikte ankerplek te vinden. Wat nu? We gaan rechtsomkeert naar Waya, naar de baai waar we eerder onze toevlucht zochten. Dat is een uur varen in het donker maar we kennen de baai dus dat durven we wel aan. Het is in ieder geval beter dan blijven liggen.

De vraag is wat we nu gaan doen. De weersvoorspellingen zijn niet echt gunstig voor een plek als de Yasawa's: veel regen en de wind blijft zo onvoorspelbaar als wat. Hoe mooi de Yasawa's ook zijn, we willen een geschiktere plek. Een plek die niet zo aan verandering onderhevig is wel te verstaan .

Automatisch op de hoogte blijven van onze reis? Meld je aan via bovenstaande rss-button!