Logboek oktober 2013

Oversteek Réunion - Durban, Zuid-Afrika

Geplaatst op 26-10-2013

Dag 1, woensdag 16 oktober
Dit is 'm dan: de tocht der tochten... Vanmiddag om 13.00 uur lokale tijd hebben we het ruime sop gekozen. Met ons vertrekken vandaag ook Tinopai, een schip uit Nieuw-Zeeland, en -hoe kan het ook anders- de Luna Verde. Zo'n 1450 mijl hebben we voor de boeg naar Durban, Zuid-Afrika.
De eerste zes uren op zee zijn mooi, té mooi haast. Er staat, tegen de verwachting in, een heerlijk zeilbriesje. De zee is vlak, de lucht is blauw en we genieten in bikini en zwembroek van deze 'cruise'. Hoog aan de wind zetten we koers richting een waypoint zo 'n 100 mijl ten zuiden van Madagascar; een waypoint dat Jimmy Cornell adviseert in zijn 'World Cruising Routes'. Van daaruit koersen we over een paar dagen verder richting Durban.
Bij het invallen van de nacht veranderen ook de omstandigheden: we krijgen een aantal dikke squalls op ons dak en de zee wordt heel erg knobbelig. Zwaar gereefd zeilen we verder als op een hobbelpaard. Tijd om te wennen is er niet, dit is meteen het serieuze werk. Maar zover zijn onze magen nog niet... Vinden we dit leuk? Maren wordt zeeziek en voor het eerst sinds Portugal(!) leegt ze de inhoud van haar maag midden in de kuip. Een paar uur later volgt Huib Jan. We zitten de nacht uit; de uren duren lang en 10 dagen op zee lijken heel even onoverbrugbaar.

Dag 2, donderdag 17 oktober
In de vroege ochtend is de zee iets rustiger, na een eerste 'rotnacht'. Maren ontwaakt helemaal fris en sprankelend en ze is zelfs prima in staat een paar schoollessen te maken op het Seaquest College.
Dan zien we de Genua aan de onderkant klapperen: een harp aan het onderlijk is losgeraakt, tijd voor actie! Huib Jan, met het ontbijt nog maar amper achter de kiezen, gaat naar het voordek. Ik sta achter het roer en bij de lieren en ga af op de instructies van de kapitein. Binnen een kwartiertje is het gelukkig weer gefixt zonder al te veel problemen.
Tijdens het avondeten zegt Linde plotseling: "Mem, Ik vind een wereldreis niet zo leuk meer." Ik kijk haar verbaasd aan en denk nog: "Waar komt die opmerking ineens vandaan?" Een paar tellen later snap ik het. Mijn kleine meid zegt met een beknepen stemmetje, mij ondertussen wanhopig aankijkend: "Mèèèm!" O nee hè, dat ik dát niet eerder heb gemerkt, ze is zeeziek! Nog net op tijd kan ik een beker pakken (lang leve de vuile afwas), waarin ze haar maaginhoud dumpt. Dat lucht op. Vijf minuten later zit ze weer gretig van haar rijst te eten, terwijl ze geniet van de opkomende maan. "Ik vind een wereldreis toch wel leuk hoor," stelt ze me met een propvolle mond gerust. Pfff...

Dag 3, vrijdag 18 oktober
De zee is 100 maal rustiger dan gisteren en we gaan ook nog eens twee keer zo hard! We zeilen heerlijk en slapen als roosjes.
Het ochtendgloren is een sprookje. In het oosten gaat de volle maan onder als een grote oranje bal. Gelijktijdig komt in het westen een prachtige rode zon tevoorschijn achter de horizon. Genieten!
Op het Seaquest college zitten we vandaag opvallend recht in de schoolbanken. Linde leert lezen en rekenen midden op de Indische Oceaan én ze tekent alvast een neushoorn, met het vooruitzicht dat ze die volgende week gaat zien. Maren heeft het druk met vermenigvuldigen / delen en met het schrijven van een opstel over sport.
In mijn linkerooghoek zie ik plotseling iets bewegen onder de giek. Wat blijkt? De kraanlijn is losgeschoten; de ene helft bungelt los onder de giek, de andere helft zweeft (buiten handbereik natuurlijk) vanaf de top van de mast boven de zee. Het lijkt verdorie wel of we een abonnement hebben op het losschieten van harpjes! En dan hebben we de hele boot ook nog driedubbel gecontroleerd in Réunion. Gelukkig vervangt onze hydraulische giekneerhouder de kraanlijn. Deze pech kan dus niet zoveel kwaad aanrichten. Als de zee even later wat rustiger wordt probeert Huib Jan de kraanlijn uit de lucht te vissen. Dat valt nog niet mee. Bij de kleinste beweging die de boot maakt (en dat lijken er nu ineens verdraaid veel) slingert, draait en slaat de zwevende kraanlijn heen en weer. Zie hem dan maar eens met een pikhaak te 'vangen'! Als Huib Jan het na een minuut of 10 beu is klimt hij plotseling als een aap in de mast om 'dat rotding' dan maar zelf op te halen. Et voilà: klus geklaard.
's Middags sluiten we voor het eerst aan bij het 'netje' via de kortegolfzender van de Boomerang en een aantal andere boten, die vier dagen voor ons zijn vertrokken vanaf Réunion. De verbinding is zwak maar het is toch bijzonder, zo'n ontmoeting door de lucht. We wisselen posities en weerkaarten uit en proberen het morgen weer.
Alles wijst erop (maar niets zo veranderlijk als het weer) dat we onze oversteek 'perfect' hebben getimed: ten zuiden van Madagascar staat precies voldoende wind om ons door dit moeilijke gebied heen te loodsen en ook daarna, het laatste en spannendste stuk, lijken de weerkaarten zeer gunstig: een 'laag' (dat we dus niet moeten hebben omdat er dan een sterke wind-tegen-stroomsituatie ontstaat) draait voor de kust van Zuid-Afrika weg, om plaats te maken voor een 'hoog', dat ons veilig en comfortabel in Durban zou kunnen brengen. Maar we juichen niet te vroeg.

Dag 4, zaterdag 19 oktober
Het lijkt of we vandaag door een onzichtbaar gordijn zijn gevaren. Eerst krijgen we flink stroom tegen en we hebben nog steeds noordoosten wind mee. Dat resulteert in korte, hoge, venijnige golven, alsof de zee wil zeggen: "Zou je dit nou wel doen?" Om wat meer comfort te krijgen reven we de zeilen behoorlijk. Vervolgens belanden we in een gebied van windstiltes, waar de Volvo ons doorheen loodst. Alsof we op een knopje drukken trekt de wind na een paar uur weer aan, nu vanuit het zuidwesten, en we gaan met de zeilen over stuurboord verder. De zee is ineens een stuk rustiger. Zo, uitdaging één, het gebied ten Zuiden van Madagascar, hebben we gehad. Op naar Durban!
Maar dan komt er een nieuwe uitdaging: bij een routinecontrole in de machinekamer ontdekt Huib Jan dat er behoorlijk veel water staat op een plek waar dat niet zou moeten. Schrik! De plaats des onheils is moeilijk bereikbaar en dus moet ik (omdat ik toch nog iets slanker ben dan de kapitein) op de kop in de machinekamer - op een schommelend schip wel te verstaan :-(. Ondersteboven wurm ik mijn hand tussen wat slangen door en zoek ik op de tast naar de afvoer, die verstopt blijkt te zijn. Dat is gelukkig snel op te lossen; een stormpje in een glas water.

Dag 5, zondag 20 oktober
We zijn met het 'oversteken' van het hoge naar het lage drukgebied duidelijk in een ander weertype terecht gekomen en dat merken we niet alleen aan de windrichting maar ook aan de buitentemperatuur, die ineens een paar graden is gedaald. De luchten zijn grauw en het regent regelmatig. Positief puntje: we hebben ruim twee knopen stroom mee, dat schiet lekker op!
's Middags komt een grote groep dolfijnen ons vergezellen midden op de grote plas. Huib Jan en Maren gaan naar de boeg om ze te zien spelen met de boot en ik geniet samen met Linde vanuit de kuip van de onverwachte show.
Verder houden we ons vandaag vooral bezig met de weerkaarten, met koken, school en met spelletjes kaarten.

Dag 6, maandag 21 oktober
Je kunt het zo gek niet bedenken of het gebeurt. 's Ochtends vroeg schrikken we op door een ratelend geluid van de schroef. En dat is 'héél apart' want we zijn aan het zeilen. Wat is dít nou weer? We starten de motor om erachter te komen wat er aan de hand is. Even zijn we bang dat we de schroef kwijt zijn geraakt maar gelukkig maken we even later weer snelheid. Waarschijnlijk heeft er iets (een net? plastic? touw?) in de schroef gezeten; lang leve de 'rope cutter'!
Direct daarna houdt echter ook de generator ermee op: oververhit, terwijl deze nog maar vijf minuten aanstaat. Waarschijnlijk heeft datzelfde stuk plastic (of wat dan ook) voor de waterinlaat gezeten, waardoor de impeller te droog is geworden en kapot is gegaan. Dat betekent dat Huib Jan gewapend met pincet de warme machinekamer in moet om alle losse schubjes weer te pakken te krijgen en daarna de impeller te vervangen. Een rotklusje maar daarna draait de generator weer als vanouds.
Maren en Linde zitten ondertussen te spelen met de Lego. Ze gieren het uit van het lachen: de politieautos en brandweerwagens beginnen vanzelf heen en weer te rijden door het geslinger van de boot. Wat zullen ze die zee straks gaan missen ;-).
Later in de ochtend worden we gevangen in een web van vrachtschepen. Maar liefst met z'n zessen tegelijk zitten ze ons op de hielen cq liggen ze op ramkoers. Opletten geblazen! Ze zien ons gelukkig op de AIS en wijken netjes uit voor ons kleine Seaquestje. Nou ja, op één na dan: de Phoenix komt recht op ons af... Met een snelheid van 11 knopen lijkt hij over 15 minuten de Seaquest recht de boeg in te rammen. Dat is Huib Jan toch echt iets te gortig en hij pakt de marifoon: "Motor vessel Phoenix, this is sailing vessel Seaquest, do you read me, over?" Het duurt even maar dan reageert er een nukkige, halfbakken Engels pruttelende stem: "Seaquest I can only give you little space." Huib Jan besluit wat duidelijker te worden: "Captain, we are sailing downwind. I cannot manoeuvre. I want 1 mile clearance, port to port please!" Mokkend draait de Phoenix een beetje naar stuurboord en zo wijkt 300 meter staal voor 16 meter plastic. Het is een indrukwekkend gezicht, die oceaanreus zó dichtbij. "Phoenix, this is Seaquest, thank you very much for your cooperation." Geen reactie. Lang leve de AIS.

Dag 7, dinsdag 22 oktober
De barometer keldert naar beneden. Voor vandaag is ons dan ook een leuk programma beloofd: harde wind, buien, rotzeeën en waarschijnlijk nog wel wat meer tropische verrassingen. Eigenlijk is het best bijzonder, zo realiseer ik me, hoezeer we ons bewust zijn van de elementen der natuur tijdens deze reis. Het weer, de wind, de zee: ze zijn zowel vriend als vijand.
De 'geweldige' voorspellingen komen uit en de kotterfok bewijst goede dienst op een dag als deze. Om het comfortabel te houden aan boord én om de Seaquest een beetje te sparen, sturen we met een vaste, ruime windhoek. Een aandewindse koers zou nu nl. 'hakken' betekenen. Eén nadeel van onze comfortabele koers: we gaan eerder terug naar Reunion dan richting Zuid-Afrika. We behalen vandaag dan ook een absoluut diepterecord: in 12 uren tijd zijn we slechts 30 mijl dichter bij het volgende waypoint gekomen...
Als de wind begint bij te draaien besluiten we overstag te gaan en iets meer op het doel af te varen, met het vooruitzicht dat de wind steeds verder naar het zuiden zal draaien en we steeds meer de goede kant op kunnen gaan. Maar de wind draait helaas minder snel mee dan voorspeld. Lange tijd gaan we behoorlijk te keer. De Seaquest steigert zo nu en dan als een paard, om vervolgens terug op het water te 'klappen'. Niks aan. Een dag als deze hakt er behoorlijk in bij de bemanning. Eigenlijk best logisch dat er aan het eind van de middag een klein spreekwoordelijk bommetje ontploft in de kajuit, grrrr! Morgen is er weer een dag.

Dag 8, woensdag 23 oktober
De barometer bereikt tophoogtes en de sfeer aan boord daarmee ook. In niets lijkt deze dag op gisteren, we genieten! Maar het allermooiste is: ook de komende dagen blijft dit hogedrukgebied en dat is perfect om in Durban te 'landen', wat een timing!
Hoogtepunt van de dag voor Maren: babbelen met Nick van de Boomerang via de kortegolfzender. Ze praten over Pokémons, DS-en en over de grote vis die Nick heeft gevangen. Weer eens wat anders dan het uitwisselen van posities en het weer.

Dag 9, donderdag 24 oktober
De wind valt weg en we motoren de hele dag, op een vlakke oceaan, recht op de kust van Zuid-Afrika af. Pas 's avonds kunnen we weer onder zeil verder. Er staat een indrukwekkend hoge maar tevens mooie, lange oceaandeining. De Seaquest wordt steeds heel langzaam opgetild om vervolgens weer van de top af het dal in te glijden, zonder dat we het eigenlijk voelen. Maar als we om ons heen kijken, wauw, dan is het een des te indrukwekkender spel met de oceaan.
Achter de Seaquest zie ik een staart van een bultrug uit het water oprijzen, om vervolgens met een grote 'splash' weer in de diepte te verdwijnen. Ik ben er even beduusd van, zo onverwacht kwam dit spektakel.
De nacht op zee is helder en dat betekent héél veel sterren aan het 'plafond' en een maanopkomst die echt subliem is.

Dag 10, vrijdag 25 oktober
Al in het donker zien we een lichtgloed aan de horizon: het eerste teken dat we de kust van Zuid-Afrika naderen! Bij het ochtendgloren komen we aan bij ons waypoint vlak voor Richards Bay. Van daaruit zakken we af langs de kust naar Durban. Dat is nog 90 mijl zeilen.
Deze laatste dag op zee varen we in de beruchte en tevens geroemde Agulhasstroom; in ons geval geroemd, omdat we de wind uit het noordoosten komt en dat had hier ook echt niet anders moeten zijn. Het wordt een fantastische eindsprint tussen heel veel vrachtschepen en tankers door. We súrfen gewoon over de golven naar Durban; 30 knopen wind in de rug én stroming mee, tja, dat wil wel helpen. We verkeren in een euforische stemming: dé oversteek waar we heel erg tegenop zagen is ons 200% meegevallen. Wat een opluchting.
En dan de anticlimax: één onverwachte roller pakt de Seaquest. We maken een klapgijp die ze op de maan nog kunnen horen. Gevolg: de kar van de achterlijkstrekker van ons grootzeil is gebroken. Een vervelende schade. Maar óns krijgen ze vandaag niet meer gek. We zijn in Durban, we zijn met de Seaquest in Zuid-Afrika! Wie had dat ooit durven dromen?

Link + foto's

Réunion

Geplaatst op 16-10-2013

Réunion: groene smaragd in de Indische Oceaan; wandelparadijs; eiland met één van de actiefste vulkanen ter wereld; kleurrijk Creools en toch zo Frans. Onze zintuigen draaien overuren.

Slechts 130 mijl is de afstand van Mauritius naar Réunion. Er is weinig tot geen wind voorspeld maar toch besluiten we woensdagmiddag te vertrekken, om nog volop van Réunion te kunnen genieten, totdat er wél wind is waarvan we willen profiteren voor de oversteek naar Zuid-Afrika. De zee is spiegelglad, de Volvo is gewillig en dat resulteert in een heerlijk rustige nacht op zee. De vele vrachtschepen en zo nu en dan een verlichte boei houden ons goed bij de les maar met de radar en AIS erbij is dat geen probleem.

Al van verre zien we donderdagochtend Réunion aan de horizon liggen: de roodbruine vulkaan Piton de la Fournaise torent opvallend hoog boven de zeespiegel uit. Toch hebben we dan nog zo'n 30 mijl te gaan tot de zuidoostkant van het eiland. We willen graag naar het gezellige haventje in St. Pierre, aan de zuidwestkant van het eiland. Eenmaal daar krijgen we echter geen toestemming om naar binnen te gaan; de Seaquest steekt te diep. Volgens ons 'moet het echter kunnen' en daarvoor haalt Huib Jan werkelijk álles uit de kast. De havenmeester is echter onvermurwbaar: we moeten doorvaren naar de haven van Le Port, aan de noordwestkant van het eiland; ongepland zes uren extra brommen, het is helaas niet anders...

Net voor donker varen we Le Port binnen en meren we de Seaquest af aan een vuile betonnen kade: misschien wel het minst mooie plekje van Réunion maar wel een prima uitvalsbasis om de prachtige rest van het eiland te ontdekken. De Boomerang is er ook nog twee dagen als wij er zijn, gezelligheid dus voor jong en oud en dat maakt veel goed.

We bevinden ons officieel in een buitenlands gebiedsdeel van Frankrijk. En met ons gevoel zijn we ook echt in een stukje Europa beland: we betalen na lange tijd weer eens met de Euro en mogen rechts rijden op perfect geplaveide snelwegen. Dat is even wennen!

Réunion is bovenal een vulkanisch eiland. Het resultaat van die vulkanische activiteit -vroeger en nu- is prachtig: spitse bergen, indrukwekkend diepe kloven/ravijnen, overweldigend groene dalen, heel veel (hoge!) watervallen, kronkelende riviertjes, maanlandschappen en zo gaat het maar door.

Langs de westkust rijden we naar St. Pierre, om koffie te drinken bij Thijs en Wilma, die wél het haventje in mochten varen. Er hangt een Bretons sfeertje: smalle steile straatjes met gezellige terrasjes, waar we ons tegoed doen aan 'crêpes, pain, fromage et vin'. St. Pierre blijkt bovendien een waar surfersparadijs: 'perfecte' surfgolven zorgen voor veel spektakel vanaf de kade.

Via de steile kliffen langs de noordkust rijden we naar het prachtige keteldal van Salazie, met heel veel watervallen, riviertjes en immens grote groene bergen. Daar klimmen we -heel uitdagend- naar de 'Trois Cascades', om vervolgens uit te rusten op een terrasje in het dorpje Hell-Bourg, een Frans aandoend dorpje met kleurrijke Creoolse huisjes in het decor van die 'machtig mooie' bergen.

De zuidkust wordt ook wel de tuinroute genoemd en daarmee is niets teveel gezegd: bloemen, kruiden en fruit bloeien en groeien er weelderig. Bij 'Cap Méchant', een zwarte lavarots die een eind de zee insteekt, hebben we prachtig uitzicht over het stuk oceaan dat we nog voor de boeg hebben.

De oostkust is een mooie route tussen de zee en de vulkaan door, dwars door allemaal kleine gezellige dorpjes. We rijden over 'Le Grand Brulé', de allesvernietigende lavastroom van de uitbarsting in 2007. In het zwarte landschap komen heel voorzichtig de eerste plantjes weer tevoorschijn, een bijzonder gezicht. Maren en Linde nemen als souvenir een paar lavastenen mee, die ze koesteren als diamanten.

Langzaam slingeren we vanaf de oostkust het binnenland in, de prachtig groene bergen op en af, richting de andere kant van de vulkaan 'Piton de la Fournaise'. We overnachten er in het dorpje Bourg-Murat, om de volgende ochtend al vroeg op pad te gaan voor de mooiste vergezichten; om een uur of 10 's ochtends winnen de wolken het namelijk van de zon.

Een voorproefje krijgen we 's ochtends vroeg bij 'Commerson', een indrukwekkend diepe krater, zomaar langs de kant van de weg. Even verderop rijden we bij 'Plain de Sables' door een surrealistisch zwart maanlandschap richting de vulkaan. We parkeren de auto bij 'Pas Bellecombe' en maken een stevige wandeling (of eigenlijk is het meer traplopen) naar de Formica Léo: een kleine krater in het maanlandschap, met op de achtergrond de 2630 meter hoge Piton de la Fournaise. Maren en Linde spelen midden in de krater met de lavastenen, weer eens wat anders dan een zandbak!

Eigenlijk zijn we nog lang niet klaar op dit prachtige eiland maar helaas worden we gedwongen om vooruit te kijken. De weerkaarten zien er voor de komende dagen nl. goed uit en dat betekent dat we ons op gaan maken voor de komende 1450 mijl van Réunion naar Durban; misschien wel de beruchtste oversteek van onze wereldreis. Veel zeilers krijgen tijdens deze oversteek te maken met het slechtste weer van hun hele wereldomzeiling, en dat zijn echt niet alleen maar sterke verhalen. We gaan de zuidoostpassaat verlaten en komen in een gebied terecht waar hoge- en lagedrukgebieden een onvoorspelbaar spel met elkaar spelen en waar de golven op kunnen lopen tot wel 20(!) meter. Nou, dat klinkt veelbelovend...

Maar goed, 'the only way out is through' en dus gooien we woensdagmiddag onze trossen lossen. Tot over een dag of 10, vanuit Zuid-Afrika!

Link + foto's

Mauritius

Geplaatst op 9-10-2013

Ik zou bijna een boek kunnen schrijven over alle 'projecten' op de Seaquest deze week, over schade bij de woelige kade in Port Louis, over kortsluiting in de accu's, over rondvliegende vonken, over brandgaten in de vloerbedekking, over zaagsel in ons bed, over scherven die (on)geluk brengen, over loshangende plafonds, over glassplinters in de voeten, over de boordcomputer die crasht, over een koelkast die ook nog eens het loodje legt, over alle onderdelen die we dringend nodig hebben maar die ze op Mauritius NIET verkopen, over roet van verbrand suikerriet in de bekleding, etcetera etcetera, maar uiteindelijk gaat het om het resultaat: alles doet het weer en alles is weer gemaakt op de Seaquest!

Ieder eiland heeft wel een 'mannetje' voor de 'yachties': hij kent de weg, kent de mensen, heeft zo zijn adresjes (of vindt die wel) en hij regelt en ritselt alles; hij is gids, taxichauffeur, onderhandelaar, regelneef en uitvoerder in één persoon. Op Mauritius is dat Rachid, een vrolijke man voor wie werkelijk niets te gek is. Mede dankzij hem (maar nog meer dankzij onze kapitein) ziet de Seaquest er in anderhalve week tijd weer spic en span uit.

Verder is het veel interessanter om te vertellen over een eiland dat zo opvallend 'leuk' multi-culti en kleurrijk is als Mauritius. Mauritius, Rodrigues en Réunion worden samen ook wel de Mascarene eilanden genoemd. En samen met Rodrigues vormt Mauritius dan weer het meest oostelijk gelegen Afrikaanse land. Puur Afrikaans is het echter niet; het is een smeltkroes van culturen. O.a. Indiërs, Creolen, Chinezen en Fransen leven hier 'gemoedelijk' samen. Onze eerste kennismaking met de hoofdstad Port Louis is alleszeggend: we zien Indische dames in mooie kleurige gewaden, Afrikanen die van alles en nog wat op straat verkopen, kleurrijk geklede Mongoliërs die dansen opvoeren en Aziatische vissers, in groepjes dolend door de straten op oranje slippers. Maar de allerleukste plek in Port Louis is misschien wel de overdekte groente- en fruitmarkt, die net zo kleurrijk en vrolijk is als de mensen op Mauritius.

Van de Nederlandse tijd in de 17e eeuw op Mauritius zijn eigenlijk alleen een ruïne en de naam Mauritius (naar de toenmalige stadhouder Prins Maurits) overgebleven en als derde dan nog de 'eer' dat de Nederlanders de dodo hebben ontdekt én uitgeroeid. Opvallend is trouwens hoe lang een eiland kan teren op de roem van een uitgestorven vreemde loopvogel: na ruim drie eeuwen wordt er met souvenirs nog steeds veel geld verdiend aan de dodo.

Echt groot is Mauritius niet en daarom krijgen we in twee dagen een goede indruk van het eiland. Op Mauritius wisselen vlakke stukken land en grillige bergen met hoge pieken elkaar af. Het landschap is vrij kaal, met uitzondering van de vele rietsuikervelden en ananasplantages, een belangrijke bron van inkomsten voor de Mauritaniërs. De absolute topper op natuurgebied is het 'Black River Gorges National Park', een prachtig stukje Mauritius met groen beboste bergen. Als wij er zijn regent het -niet voor niets is het er zo groen- maar zelfs dan zijn de vergezichten prachtig.

We rijden door kleine dorpjes en stadjes waar we het échte Mauritius krijgen te zien, ver weg (zo lijkt het) van alle luxe resorts aan de kust. En omdat we veel moeten regelen voor de Seaquest, komen we ook écht in contact met de Mauritaniërs: allemaal vriendelijke, behulpzame en zéér flexibele mensen met een instelling van 'hebben we het niet, dan maken of regelen we het wel, geen probleem.'

We bezoeken de Ganga Talao, een hindoetempel en belangrijk bedevaartsoord gelegen aan het kratermeer Grand Bassin. Veel families brengen er een offer aan de rand van het heilige meer of in één van de omringende tempeltjes. Het markante gouden beeld dat naast het meer staat is... groot.

In 'La Vanille Réserve', een schildpadden- en krokodillenpark, speelt de reuzenschildpad onbetwist de hoofdrol, in ieder geval voor Maren en Linde. Maar liefst 500 schildpadden wandelen er vrij rond door het reservaat en zeg nou zelf: een schildpad aaien en een ritje maken op een reuzenschildpad, dat maak je toch niet iedere dag mee? Maren vindt het 'megacool' en Linde vindt het 'het spannendste wat ik in mijn hele leven heb gedaan". Unieke plaatjes en filmpjes levert het op.

Bij 'Bois Chérie' bezoeken we een kleinschalige theefabriek, waar we kennismaken met het hele proces van theemaken, van de theeplant tot een proeverij van thee. Als fervent theedrinker vind ik dat natuurlijk interessant om te zien en het is vooral ook lekker. De plantage is schitterend gelegen en het groene tapijt van theeplanten op een glooiende heuvelrug is indrukwekkend mooi.

Een prachtig natuurlijk kunstwerk vinden we bij 'Terre des Couleurs': zeven verschillende kleuren golvend zand op een paar honderd vierkante meter, het wonderlijke resultaat van de erosie van vulkanische as. Maren en Linde zouden er het liefst in gaan spelen maar helaas, dat is niet toegestaan.

Op de valreep voor ons vertrek bezoeken we één van de zeven fabriekjes op Mauritius waar ze handmatig scheepsmodellen maken: vakmanschap waar we ons over verbazen en waar heel veel precisie en een jobsgeduld voor nodig is. Als we een tot in de kleinste details nagemaakt model van 'De Friesland' zien staan, tja, dan zijn we verkocht...

Na een drukke anderhalve week op Mauritius gooien we woensdagmiddag onze trossen weer los van de kade in Port Louis. Als 'uitzetter' ontvangen we bij het wegvaren nog een laatste laag roet op ons net schoongespoten dek. Hmmm... zo gaat het al ruim een week: lege suikerrietvelden worden platgebrand, om plaats te maken voor de volgende lichting suikerriet. En de resten van die laatste rietstengels landen precies op de Seaquest. Tja, wat kun je ervan zeggen? Van lucht alleen kun je niet leven, zelfs niet op een eiland als Mauritius.

Link + foto's