Réunion

16-10-2013

Réunion: groene smaragd in de Indische Oceaan; wandelparadijs; eiland met één van de actiefste vulkanen ter wereld; kleurrijk Creools en toch zo Frans. Onze zintuigen draaien overuren.

Slechts 130 mijl is de afstand van Mauritius naar Réunion. Er is weinig tot geen wind voorspeld maar toch besluiten we woensdagmiddag te vertrekken, om nog volop van Réunion te kunnen genieten, totdat er wél wind is waarvan we willen profiteren voor de oversteek naar Zuid-Afrika. De zee is spiegelglad, de Volvo is gewillig en dat resulteert in een heerlijk rustige nacht op zee. De vele vrachtschepen en zo nu en dan een verlichte boei houden ons goed bij de les maar met de radar en AIS erbij is dat geen probleem.

Al van verre zien we donderdagochtend Réunion aan de horizon liggen: de roodbruine vulkaan Piton de la Fournaise torent opvallend hoog boven de zeespiegel uit. Toch hebben we dan nog zo'n 30 mijl te gaan tot de zuidoostkant van het eiland. We willen graag naar het gezellige haventje in St. Pierre, aan de zuidwestkant van het eiland. Eenmaal daar krijgen we echter geen toestemming om naar binnen te gaan; de Seaquest steekt te diep. Volgens ons 'moet het echter kunnen' en daarvoor haalt Huib Jan werkelijk álles uit de kast. De havenmeester is echter onvermurwbaar: we moeten doorvaren naar de haven van Le Port, aan de noordwestkant van het eiland; ongepland zes uren extra brommen, het is helaas niet anders...

Net voor donker varen we Le Port binnen en meren we de Seaquest af aan een vuile betonnen kade: misschien wel het minst mooie plekje van Réunion maar wel een prima uitvalsbasis om de prachtige rest van het eiland te ontdekken. De Boomerang is er ook nog twee dagen als wij er zijn, gezelligheid dus voor jong en oud en dat maakt veel goed.

We bevinden ons officieel in een buitenlands gebiedsdeel van Frankrijk. En met ons gevoel zijn we ook echt in een stukje Europa beland: we betalen na lange tijd weer eens met de Euro en mogen rechts rijden op perfect geplaveide snelwegen. Dat is even wennen!

Réunion is bovenal een vulkanisch eiland. Het resultaat van die vulkanische activiteit -vroeger en nu- is prachtig: spitse bergen, indrukwekkend diepe kloven/ravijnen, overweldigend groene dalen, heel veel (hoge!) watervallen, kronkelende riviertjes, maanlandschappen en zo gaat het maar door.

Langs de westkust rijden we naar St. Pierre, om koffie te drinken bij Thijs en Wilma, die wél het haventje in mochten varen. Er hangt een Bretons sfeertje: smalle steile straatjes met gezellige terrasjes, waar we ons tegoed doen aan 'crêpes, pain, fromage et vin'. St. Pierre blijkt bovendien een waar surfersparadijs: 'perfecte' surfgolven zorgen voor veel spektakel vanaf de kade.

Via de steile kliffen langs de noordkust rijden we naar het prachtige keteldal van Salazie, met heel veel watervallen, riviertjes en immens grote groene bergen. Daar klimmen we -heel uitdagend- naar de 'Trois Cascades', om vervolgens uit te rusten op een terrasje in het dorpje Hell-Bourg, een Frans aandoend dorpje met kleurrijke Creoolse huisjes in het decor van die 'machtig mooie' bergen.

De zuidkust wordt ook wel de tuinroute genoemd en daarmee is niets teveel gezegd: bloemen, kruiden en fruit bloeien en groeien er weelderig. Bij 'Cap Méchant', een zwarte lavarots die een eind de zee insteekt, hebben we prachtig uitzicht over het stuk oceaan dat we nog voor de boeg hebben.

De oostkust is een mooie route tussen de zee en de vulkaan door, dwars door allemaal kleine gezellige dorpjes. We rijden over 'Le Grand Brulé', de allesvernietigende lavastroom van de uitbarsting in 2007. In het zwarte landschap komen heel voorzichtig de eerste plantjes weer tevoorschijn, een bijzonder gezicht. Maren en Linde nemen als souvenir een paar lavastenen mee, die ze koesteren als diamanten.

Langzaam slingeren we vanaf de oostkust het binnenland in, de prachtig groene bergen op en af, richting de andere kant van de vulkaan 'Piton de la Fournaise'. We overnachten er in het dorpje Bourg-Murat, om de volgende ochtend al vroeg op pad te gaan voor de mooiste vergezichten; om een uur of 10 's ochtends winnen de wolken het namelijk van de zon.

Een voorproefje krijgen we 's ochtends vroeg bij 'Commerson', een indrukwekkend diepe krater, zomaar langs de kant van de weg. Even verderop rijden we bij 'Plain de Sables' door een surrealistisch zwart maanlandschap richting de vulkaan. We parkeren de auto bij 'Pas Bellecombe' en maken een stevige wandeling (of eigenlijk is het meer traplopen) naar de Formica Léo: een kleine krater in het maanlandschap, met op de achtergrond de 2630 meter hoge Piton de la Fournaise. Maren en Linde spelen midden in de krater met de lavastenen, weer eens wat anders dan een zandbak!

Eigenlijk zijn we nog lang niet klaar op dit prachtige eiland maar helaas worden we gedwongen om vooruit te kijken. De weerkaarten zien er voor de komende dagen nl. goed uit en dat betekent dat we ons op gaan maken voor de komende 1450 mijl van Réunion naar Durban; misschien wel de beruchtste oversteek van onze wereldreis. Veel zeilers krijgen tijdens deze oversteek te maken met het slechtste weer van hun hele wereldomzeiling, en dat zijn echt niet alleen maar sterke verhalen. We gaan de zuidoostpassaat verlaten en komen in een gebied terecht waar hoge- en lagedrukgebieden een onvoorspelbaar spel met elkaar spelen en waar de golven op kunnen lopen tot wel 20(!) meter. Nou, dat klinkt veelbelovend...

Maar goed, 'the only way out is through' en dus gooien we woensdagmiddag onze trossen lossen. Tot over een dag of 10, vanuit Zuid-Afrika!

Automatisch op de hoogte blijven van onze reis? Meld je aan via bovenstaande rss-button!