Logboek februari 2013

Oneindig zomer

Geplaatst op 24-2-2013

Voordat we met de auto een paar weken op stap gaan, willen we eerst nog een week zeilen en ankeren in de mooie baaien van de Hauraki Gulf. Bij Motuihe en Waiheke Island genieten we van de lange en lekkere zomer, die alsmaar voortduurt. De mooiste momenten zijn buiten het weekend, als alle dagjesmensen uit Auckland weer naar huis zijn en wij een hele baai, het hele strand of zelfs het hele eiland voor ons alleen hebben.

Na school- cq klusjestijd gaan we steevast naar het strand. We maken mooie wandelingen, zwemmen, zoeken schelpen, graven onszelf in in het zand, zweven door de lucht aan een lang touw aan een overhangende boom en sluiten de dag af met lekker 'Cobben' in de kuip. Best moeilijk om zo niet een vakantiegevoel te krijgen... En waarom eigenlijk ook niet?

Een kapotte vriezer dwingt ons halverwege de week tot een korte pitstop in Auckland maar daarna gaan we weer vrolijk door waar we gebleven zijn. We hebben het gezellig met z'n vieren en beleven bovendien spontaan gezellig momenten met Esther en Janpieter in Auckland en met Hendrik Jan en Debby bij Waiheke Island. Mooi weer, lange dagen, goed gezelschap; wie doet ons wat?

Zondagavond 'parkeren' we de Seaquest voor vier weken tussen vier meerpalen in Auckland, om maandagochtend de zee te verruilen voor vaste grond onder de voeten. De wandelschoenen, een warme trui en regenjas zijn ingepakt en dan zijn we er klaar voor. We gaan het Zuidereiland verkennen en we hebben er zin in!

Link + foto's

Heet onder de voeten...

Geplaatst op 17-2-2013

De vriendinnen gaan op stap! Samen met Bauwina ga ik drie dagen naar Rotorua en omgeving. De drie uur durende reis ernaar toe door het prachtige, afwisselende landschap van Nieuw-Zeeland verveelt geen moment maar dat komt misschien mede doordat we het erg gezellig hebben samen in de auto :-).

In Rotorua overnachten we en gaan we op zoek gaan naar een lekker maal. Dan ontdekken we meteen al wat Rotorua zo bijzonder maakt: we lopen toevallig langs een park met een dampende, fel oranje gekleurde poel. En als we verder lopen, zien we dat de aarde hier overal stoomt, pruttelt, dampt en sist. Het is een wondere wereld.

In 'Ohinematu Village', een 'doodgewone' wijk even verderop, zien we hoezeer de geothermische activiteit van moeder aarde hier verweven is met het dagelijkse leven: in ieder tuintje, naast de voordeur, achter de schuur, tussen de struiken, uit een putdeksel en zelfs tussen de straatklinkers komt het kokende of stomende water omhoog. De mensen maken dankbaar gebruik van deze energie: een pan met eten zet men gewoon in één van de kokende poeltjes. Baksteen erop, ff wachten.... klaar. Het kokend hete water wordt verder gebruikt om de was in te doen, huizen te verwarmen, het bad mee te vullen, etc. Een directere link met moeder aarde kun je toch niet hebben? Er hangt een beetje een onwerkelijke sfeer in dit verder zo gewone plaatsje; wat voor ons zo ongewoon is, is voor de mensen hier doodgewoon en alledaags en dat maakt het voor ons nog eens extra bijzonder. De zwavelgeur -een lichte geur van rotte eieren- nemen we maar op de koop toe.

Het Museum van Roturua is gehuisvest in een markant gebouw: het voormalige Bath House, met een mooie Tudorgevel. Onze Maori gids vertelt ons recht uit het hart over zijn land en zijn volk en zijn verhaal ráákt ons.

De volgende dag bezoeken we een dorpje even ten zuiden van Rotorua, met een tongbrekende naam: Tewhakarewarewatangaoteopetauaawahiao, kortweg ook wel Whakarewarewa genoemd - dat scheelt. Wederom zien we pruttelende modderpoelen en stomend en kokend heet water opborrelen uit de grond. En we hebben mazzel: de Puhuto geiser, de hoogste geiser van Nieuw-Zeeland, wordt actief op het moment dat wij er zijn. Maar liefst 30 meter hoog en wel 10 minuten lang spuwt de aarde kokend heet water uit. Wow!

In het 'Kiwi House' zien we twee kiwi's lopen in het schemerdonker. Hun eigenaardige loopje en wiebelende dikke buik maakt de ontmoeting toch specialer dan het zien van één van de vele opgezette exemplaren in musea.

In de Marae, de centrale ontmoetingsplaats, zien we traditionele Maori dansen: de 'haka', de krijgsdans door mannen die harde kreten uitstoten en rollen met de ogen en de tong - nu heel lachwekkend maar ooit bedoeld om de vijand af te schrikken; de verleidelijke 'poi', waarbij de vrouwen heel soepel dansen met witte ballen aan een touwtje; en de 'tititorea' waarbij heel behendig met acht stokjes wordt gejongleerd op het ritme van de muziek.

We rijden verder richting het zuiden en stoppen even bij de Huka Falls. Per minuut 'dendert' hier de inhoud van vijf olympische zwembaden uit Lake Taupo naar buiten, wát een geweld! Het water is door het zuurstof ijsblauw en sneeuwwit, een prachtig kleurenspel. Dit is het spectaculaire begin van de langste rivier van Nieuw-Zeeland: de Waikato. Even verderop kijken we uit over het blauwe Lake Taupo, met aan de overzijde de besneeuwde bergtop van de bijna 3000 meter hoge Mount Ruapehu. De natuur in Nieuw-Zeeland blijft adembenemend.

De laatste dag rijden via een mooie route langs de oostkust weer terug naar Auckland. We stoppen in Te Puke, 'the kiwifruit capital of the world', want we willen één van de iconen van Nieuw-Zeeland wel eens van dichtbij bekijken. De kweek en de oogst van de 'hairy berry' is een tijdrovende en arbeidsintensieve klus, zo leren we, waar niet alleen heel veel mankracht maar ook minstens zoveel bijenkolonies voor nodig zijn. Over logistiek gesproken. Ik zal voortaan met nóg meer aandacht een kiwi eten ;-).

In Tauranga, een drukke havenstad en populaire badplaats aan de Bay of Plenty, maken we onze laatste tussenstop. We lunchen op het oneindig lange witte strand naast Mount Manganui en zoeken schelpen zoveel als we kunnen. Pure ontspanning.

Via heel veel slingerwegen, langs prachtige kusten en door mooie valleien, dichtbegroeide bossen en kleine dorpjes staan we na een paar uren rijden weer oog in oog met de Skytower van Auckland. Met een voldaan gevoel stappen we even later weer aan boord van de Seaquest.

Met deze dagen nog vers in het geheugen zwaaien we donderdag Bauwina uit op de luchthaven van Auckland. En dat zorgt dan toch voor een glimlach bij het verder niet zo geliefde afscheid nemen. Onze voorhut is na bijna vier maanden weer leeg. Raar...

Link + foto's

Hoera Hauraki!

Geplaatst op 9-2-2013

Onze verkenningstocht door de Hauraki Gulf is verrassend en vooral ook afwisselend. De zeiltochten, het weer, de natuur: geen moment en geen plekje is hetzelfde.

Waiheke Island is het wijneiland, een andere wereld op slechts een paar uurtjes varen vanaf Auckland en: 'het eiland waar de zon altijd schijnt', volgens de gidsen. Nou, dat zien we wel zitten! Maar wat hebben wij? Donkere dreigende luchten en vervolgens harde wind en héél veel regen... Het lijkt wel herfst! Maar dan wel bij 25 graden :-). De donkere dag is voorbij voordat we er erg in hebben: gezelschapsspelletjes, weblog updaten, boek lezen, etc. Het is benauwd in de boot met alle luiken dicht maar het enige alternatief is nat worden. 'Noodgedwongen' brengen we een paar uur door op het beschutte balkon van Oyster Inn, een leuk restaurant waar we heerlijk lunchen. Daar moeten we wel een onstuimig en vooral nat ritje in de dinghy voor over hebben, maar ach, eenmaal terug op de boot liggen we lekker in de luwte van het eiland, dus wie doet ons wat? We slapen lekker op het fluiten van de wind.

De volgende morgen rond zes uur worden we wakker doordat de boot zachtjes begint te wiegen. De wind is gedraaid en dat betekent dat we nu plots aan lagerwal liggen. Het zachte wiegen verandert al snel in een wreed geschommel en de Seaquest ligt onrustig aan de ankerketting te rukken. Dat is rottig wakker worden, vooral voor matroos Bauwina die voor in de punt ligt, pal naast de ankerketting, en die op dat moment verlangt naar vaste grond onder de voeten. Alle boten om ons heen zijn inmiddels al ankerop zijn gegaan, op één boot na dan, die op de rotsen is gelopen, slik! Ook wij kiezen eieren voor ons geld en we vertrekken met het ontbijt nog vers tussen de kiezen. En dat is een goede keuze want de zuidwesten wind die ons in de baai nog parten speelde, is nou nét de juiste wind die we nodig hebben om op onze volgende bestemming te komen: Great Barrier Island, zo'n 40 mijl verderop.

Na een pittige maar prachtige tocht van zo'n zes uurtjes, waarbij het steeds zonniger wordt, zien we een mooi eiland voor ons opdoemen. Groot, heuvelachtig en vooral ook begroeid met groene bossen. Dit is Aotea, oftewel Great Barrier Island! We zijn aangenaam verrast. In de beschutting van Rarohara Bay gooien we ons anker uit. We worden die avond in slaap gezongen door de krekels, het schapengeblaat en een koor van vogelgeluiden. De complete rust doet de rest. We kunnen na twee nachten eindelijk weer rustig slapen...

De volgende dag maken we een prachtige wandeling naar een verkoelende waterval door de bossen en over de heuvels van Great Barrier Island; door het frisse groene bos met varens, loof- naald- en palmbomen en hoppend over riviertjes met keien. Het kleine dorpje FitzRoy, de grootste plaats van het eiland, bestaat uit slechts een paar huisjes en een winkeltje. Er is geen elektriciteitsnet en geen centrale watervoorziening op het eiland. De tijd heeft hier stilgestaan, knappe jongen die hier gestrest raakt!

Een mooie wind (later geholpen door het ijzeren zeil) brengt ons de volgende dag in een rustig tochtje terug bij Coromandel Peninsula. Massa's vogels vliegen over de Hauraki Gulf en onderweg hebben we maar liefst drie maal een 'close encounter' met een haai. De Coromandel bestaat uit glooiende hellingen met vooral gras, grazende koeien en hier en daar wat plukjes bomen. Tussen de koeienvlaaien door beklimmen we de heuvels, waar we net voor zonsondergang een prachtig uitzicht hebben op zowel het schiereiland als de Hauraki Gulf.

We proberen aan wal te gaan maar dat wordt nogal een project: omdat het een ondiepe baai is en we met de Seaquest niet dicht bij de wal kunnen komen, moeten we behoorlijk ver varen in de dinghy. Maar het ergste is: op blote voeten moeten we een heel eind door de blauwe drek met scherpe schelpen om de dinghy aan wal te krijgen. Bauwina zakt er een paar keer tot de knieën in weg, op zich lachwekkend, ware het niet dat ze twee fototoestellen veilig en droog naar de kant probeert te brengen; een uitdagend project. Uiteindelijk besluiten we de dinghy aan het anker te leggen en zonder verder te gaan. Dat navigeren op een landkaart óók in de dinghy niet verstandig is, blijkt als we eindelijk aan wal zijn: we blijken heel ergens anders uit te komen dan gepland...

Een vriendelijke Ier, die we toevallig op het strand treffen, biedt ons spontaan een lift aan naar ons doel voor die dag: the driving creek railway. We belanden daar midden in het levenswerk van de inmiddels 77-jarige Barry Brickell. In 35 jaar tijd heeft hij eigenhandig de spoorweg aangelegd door een zelf geplant 'toekomstig natuurgebied', waar hij de oorspronkelijke flora en fauna van Nieuw-Zeeland probeert terug te brengen en in stand te houden. Het lijkt een waanzinnig en onhaalbaar idee. Maar als we in het kleine treintje door het jonge bos rijden, over bruggetjes en door tunneltjes, verbazen we ons over het unieke en zeer geslaagde resultaat van tientallen jaren inspanning van een idealist.

Terug bij de dinghy is de blauwe drek nergens meer te bekennen: inmiddels is het hoogwater en de 'tender to me' ligt vrolijk te dobberen midden in de baai. Huib Jan (onze held) zwemt in onderbroek naar ons vervoermiddel en haalt de dames op bij het strand, waar we met schone voeten in kunnen stappen.

Na een heerlijke week cruisen gaan we weer terug naar Auckland. Van daaruit gaan we Nieuw-Zeeland de komende tijd op vier wielen verkennen. Nieuw-Zeeland, we komen eraan!

Link + foto's

Trossen los!

Geplaatst op 3-2-2013

Na zes weken stilliggen in hartje Auckland, wordt het eindelijk weer eens tijd voor meer water onder de kiel. We gooien de trossen los! We gaan de Hauraki Gulf, de baai voor Auckland, de komende week verkennen.

Buiten de haven heisen we onze (gelukkig nog niet vastgeroeste) zeilen, om eerst een 'ererondje' onder de Harbour Bridge door te maken. Een mooi begin voor onze nieuwe opstapper Bauwina. Met 25 meter mast lijkt dat best spannend maar we hebben nog altijd meer dan 15 meter speling op het 'moment suprême' en dat maken we niet vaak mee. Wat is het een heerlijk gevoel om de Seaquest zo weer te voelen; onze stacaravan is nu weer een echte boot!

We zeilen in slechts een uurtje naar een mooie ankerplek tussen Rangitoto en Motutapu Island, twee totaal verschillende eilandjes die door een weg met elkaar verbonden zijn. Links van ons ligt het onbewoonde Rangitoto, met haar markante symmetrische, groen begroeide vulkaan en rechts van ons ligt het niet-vulkanische, bewoonde, vlakke en vrije kale Motutapu.

Op de ankerplek springen we meteen het water in voor een 'rondje om de boot'. Huib Jan maakt van de gelegenheid gebruik om de behoorlijk aangegroeide waterlijn (na zes weken haven) te poetsen, zittend op een bij ons zéér populaire 'pierlala'. De volgende morgen gaan we aan land om de slapende vulkaan te beklimmen. Tussen de zwarte lavastenen en groene begroeiing door klimmen we naar de 260 meter hoge kraterrand. We hebben mazzel: het is een bewolkte dag. Dat betekent even geen mooie vergezichten en kiekjes maar het is wél goed uit te houden zo!

In Auckland hebben we de afgelopen weken veel gezien en gedaan. Vooral de vele bijzondere wijken die Auckland rijk is, ieder met een eigen centrum en eigen karakter, blijven ons bij: Devonport, Ponsonby, Parnell, Newmarket, Mission Bay, etc.; stuk voor stuk gezellige plekken maar steeds weer op een andere manier.

Het Auckland Museum biedt een bijzondere collectie en het geeft een goed beeld van de historie, cultuur en natuur van Nieuw-Zeeland. Bovendien is het een prachtig gebouw op een bijzondere plek. Na twee bezoeken zijn we er eigenlijk nóg niet uitgekeken.

De westkust ligt op slechts een uurtje rijden vanuit hartje centrum: Bethell Beach, Piha Beach, Karekare: indrukwekkend hoge golven, ruige kusten, zwarte stranden, zeemist; allemaal ingrediënten voor een mooie middag 'buiten de stad'. En de rit ernaar toe is minstens zo mooi, door de 'Waitakere Ranges', een mooi groen natuurgebied.

Na drie maanden in Nieuw-Zeeland is het tijd om ons visum te verlengen. Dat zorgt voor het nodige (en soms overbodige?) paperassenwerk. Eenmaal ingeleverd doet men hier echter niet zo moeilijk over een verlenging van het visum met nog eens drie maanden, zolang je je maar aan de regels houdt en in je eigen onderhoud kunt voorzien.

En dan... Afscheid nemen blijft moeilijk, vooral als iemand je zeer dierbaar is. Na twaalf weken samen zijn zwaaien we deze week oma uit op de luchthaven van Auckland. Dat zorgt natuurlijk voor de nodige tranen :-(. Maar bovenal denken we met een glimlach terug aan de fijne weken die we hier samen mochten beleven.

Link + foto's