Whitsunday Islands, Australië

31-5-2013

We 'eilandhoppen' vanuit Mackay naar de Whitsundays. Via Brampton Island komen we bij de Whitsunday eilandengroep, waar we mooie baaitjes vinden bij achtereenvolgens Thomas Island, Lindeman Island, Shaw Island, Hamilton Island, Whitsunday Island en South Molle Island. Het zijn allemaal kleine sprongetjes van soms een uur, maximaal een paar uur varen. Stuk voor stuk heerlijke tochtjes en mooie ankerplekken. En we hebben goed gezelschap met Tjalling en Tineke aan boord en aan onze zijde de Luna Verde, de Boomerang en/of de Debutante.

Regen en zon wisselen elkaar voortdurend af deze week. De veelal heftige regenbuien verdwijnen gelukkig meestal net zo snel als ze zijn gekomen, om vervolgens plaats te maken voor strakblauwe luchten. Anders is het met de wind: het waait de hele week 'een storm', met korte heftige uitschieters, zogenaamde 'bullet winds'. Dat resulteert in actieve en spectaculaire zeiltochtjes. Maar 's nachts zijn die bullets ronduit vervelend. De wind giert door het want, water slaat tegen de zijkant van de boot, lijntjes beginnen te klapperen, de ankerketting ligt wreed te rukken aan de Seaquest en ja hoor: we zijn wéér wakker. Het hoort er natuurlijk allemaal bij op een boot maar we hadden gehoopt dat we het onze gasten iets comfortabeler konden maken.

Op Thomas Island gaan we wandelen op advies van de bemanning van de Debutante, die hier eerder is geweest. Het pad is helaas nergens te vinden en daardoor verandert onze wandeltocht in een soort padvinderij, onder de bezielende leiding van Casey. We banen ons een weg tussen de dichte begroeiing door naar de andere kant van het eiland, waar we worden beloond met prachtige vergezichten. Op onze weg terug markeren Casey en de meisjes het pad (wélk pad?) met zwerfaval, dat ze in de bomen hangen voor toekomstige wandelaars. Casey geeft tekst en uitleg over de flora en fauna op het eiland en zo worden we een beetje ingewijd in 'the Aussie way'. Maren en Linde vinden het gewéldig! We sluiten onze speurtocht af met een zwempartijtje in het blauwe water van, jawel... Naked Lady Beach. In ons ondergoed wel te verstaan ;-).

Op Lindeman Island lopen we door één van de vele verlaten resorts die de Whitsundays telt, naar verluidt door de ongunstige Australische Dollarkoers. Het resort is net een spookstadje. Alles is overwoekerd maar alle inboedel staat er nog en zelfs de waterscooters staan nog gewoon waar ze altijd stonden, alsof de stekker er van de ene op de andere dag uit is getrokken en die er morgen weer ingaat. Raar.

Hamilton Island is een eiland met veel vertier, gezellige restaurantjes, grote resorts en opvallend veel golfkarretjes, die hier als vervoermiddel worden gebruikt. De tegenstelling met de verlaten baaitjes van de dagen ervoor is groot. We nemen het er lekker even van in één van de restaurantjes.

Vanaf Hamilton varen we door naar Whitsunday Island. Het waait flink en we hebben stroom mee. Tussen de eilandjes kólkt het water gewoon en daardoor verandert de Seaquest in de Speedquest; we denderen met 10+ knopen op het doel af, yeeehaaa! In de beschutting van Cid Harbour gooien we ons anker uit. Samen met de Boomerang, Luna Verde, Debutante en nog vele andere boten liggen we redelijk beschut die nacht. Na een avondje Cobben op de Seaquest gaan Maren en Linde een nachtje logeren bij hun vriendjes Nick en Luuk op de Boomerang. Feest!

Het tochtje naar South Molle eiland is wederom kort maar spectaculair. Debby maakt een prachtige foto van de Seaquest in actie op het blauwe water. We gooien ons anker uit voor een bijna uitgestorven resort waar behalve de beheerder en een tuinman geen levende ziel te bekennen is. We maken een verrassend leuke wandeling naar Spion Kop en belonen onszelf daarna met een sundowner op de pier van het verlaten hotel, terwijl de kinderen op het strand spelen. De catering moeten we zelf verzorgen maar daar malen we niet om.

Na een week pleziervaren raken onze verse voorraden op en bovendien zit onze Davits in de knoop, heeft de vaatwasser kuren en lekt de keerkoppeling koelwater uit de oliekoeler. Tijd voor een klus- en supermarktstop. We gaan naar Airlie Beach, een toeristisch maar gezellig plaatsje op het vasteland. Als de koelkast na twee dagen weer vol zit en alle problemen zijn opgelost kunnen we weer goed voorbereid vertrekken naar de Whitsundays... niet dus...

Net voor vertrek komen we erachter dat onze koelkast kapot is. We halen er een monteur bij om het freongas te checken. Hij maakt gelukkig snel tijd voor ons, zodat we in de loop van de middag tóch nog kunnen vertrekken naar Hook Island. We ankeren daar in Nara Inlet, een mooi beschutte baai, waar we de volgende dag een wandeling willen gaan maken. Maar de koelkast gooit de volgende ochtend opnieuw roet in het eten. Alle verse eetwaren bederven waar we bijstaan. We hebben weinig keus: we moeten naar een plek waar een goede reparateur zit. We besluiten een nachtje door te varen en 130 mijl noordwaarts te gaan, naar Townsville. En zo laten we, een beetje 'onaf', de Whitsundays achter ons. Gelukkig hebben we nog veel ander moois in het verschiet en ach, gezellig is het overal.

P.s.: het laatste nieuws: onze koelkast is het onderweg spontaan weer gaan doen...

Automatisch op de hoogte blijven van onze reis? Meld je aan via bovenstaande rss-button!