Van Townsville naar Cairns, Australië

10-6-2013

Deze week is het al weer drie jaar geleden dat we vertrokken uit Harlingen. Drie jaar! Het lijkt wel of de tijd steeds sneller gaat. En over ruim een jaar zijn we al weer thuis; een jaar waarin we nog flink willen genieten van alle mooie bestemmingen die we nog voor de boeg hebben.

Maar eerst terug in het hier en nu. Na een mooi bezeilde nachttocht vanaf de Whitsundays komen we zaterdagmorgen vroeg aan in Townsville. Het leukste van Townsville is misschien wel de waterspeeltuin, waar Maren en Linde zich heerlijk uit kunnen leven samen met Nick en Luuk. Verder is Townsville uitgestorven en eigenlijk gewoon saai, in ieder geval op zaterdagmiddag; niet echt aantrekkelijk en daarom willen we zo snel mogelijk weer verder.

De volgende ochtend is de lucht strakblauw, het zonnetje schijnt en Magnetic Island trekt als een magneet aan ons. Maar voor de haven ligt een drempel waar de Seaquest alleen met hoogwater overheen kan. We hebben nog 10 minuten de tijd om daaroverheen te varen (ontdekken we natuurlijk véél te laat) als we om kwart over 8 halsoverkop de haven verlaten. Huib Jan komt terug van het havenkantoor, springt aan boord en roept: Jannet, Tjalling, Tineke, aan dék! We gaan nú trossen los! En op het moment dat hij dat roept zijn we eigenlijk al los. We hebben nog net tijd om de waterslang en stroomkabel los te koppelen. Nog geen 10 minuten later (onze kapitein geeft flink gas...) zijn we bij de beruchte drempel. Een visser roept nog waarschuwend naar ons vanaf de kade: "Hey mate, what are you doing here?" Maar tijd om af te remmen is er niet, dus blik vooruit, allemaal zitten, goed vasthouden en: gás met die bak. En ja hoor, met slechts 10 cm water onder de kiel zijn we zoals altijd weer nét op tijd. Huib Jan met een grote grijns om zijn mond, ik met het zweet in mijn handen.

Langs de rode rotskusten varen we om Magnetic Island heen, om even later ons anker uit te gooien in Horseshoe Bay. We liggen er mooi beschut en op de wal is een prachtig lang strand, grenzend aan heerlijk zwemwater dat is afgeschermd met een stingernet. Er zijn gezellige terrasjes, er is een leuk speeltuintje en het sfeertje is, ik kan het niet anders omschrijven, Relaxed met een grote R.

Samen met Tineke maak ik een wandeling van ruim vier uren. We passeren de ene na de andere mooie baai, wandelen van uitzichtpunt naar uitzichtpunt. Allemaal adembenemend, letterlijk en figuurlijk. Heerlijk, wát een wandeleiland! Als we ook nog een koala tegenkomen, die opvallend wakker is, met ons meeloopt en zelfs lijkt te poseren voor de camera, kan mijn dag niet meer stuk en loop ik de rest van de dag te glimlachen.

Maren maakt dezelfde wandeling samen met haar vriendjes van de Boomerang. Zij zien een meterslange slang, waarvan Maren de volgende dag nog steeds onder de indruk is. Linde is helemaal verrukt van de Rainbow Lorikeets op het strand, die ze mag voeren.

Dinsdag zwaaien we Tjalling en Tineke uit op het strand van Magnetic Island, na twee weken lief en leed te hebben gedeeld. De volgende morgen gaan we 40 mijl noordwaarts: met de Luna Verde aan onze zijde naar Orpheus Island. We varen pal voor de wind, al vlinderend, en dat betekent slingeren op het Seaquest college. In Pioneer Bay gooien we 's middags ons anker uit. De wandeling die we willen maken kan helaas niet doorgaan i.v.m. asbestgevaar. We slenteren wat over het strand tussen de jonge mangroveboompjes door. Er hangt een vreemd sfeertje en daarom zoeken we onze eigen gezelligheid maar weer op in de kuip van de Luna Verde.

De volgende morgen gaan we om half 7 weer ankerop om door het Hinchinbrook Channel te varen, een 50 km lang smal kanaaltje tussen het vasteland en Hinchinbrook Island. We passeren bij de ingang van het kanaal een hele lange pier waarover kort geleden nog de suiker van het vasteland naar de vrachtschepen werd getransporteerd. Maar nu is alles leeg en verlaten, zoals wel meer hier...

Het Hinchinbrook Channel is prachtig: we slingeren tussen de mangrove door, daarachter zien we groen begroeide spitse rotsen en regenwoud en vandaag vooral ook héél veel nevel en regen. Echt mooie plaatjes schieten lukt dan ook niet. Maren doet school in de kuip want eigenlijk wil ze maar één ding: een zoutwaterkrokodil spotten. Elke tak, elke rimpeling in het water verandert in haar ogen in zo'n 'saltie' maar een échte laat zich (écht waar Maren!) niet zien.

Bij Dunk Island gaan we die nacht voor anker. Tussen de buien door wandelen we over het mooie strand, met daarachter (minder mooi...) een verwoest resort. Een cycloon heeft hier twee jaar geleden een ravage aangericht.

Vrijdagmorgen gaan we wéér vroeg op: om 5 uur lichten we ons anker, om 60 mijl verder te gaan naar Fitzroy Island. Het voordeel van vroeg opstaan is dat we vroeg in de middag aankomen, daarna nog wat van het eiland kunnen zien, 's nachts lekker kunnen slapen en de volgende dag weer verder kunnen gaan met een goed en uitgerust gevoel. Onze gouden formule deze week. We zeilen die dag heerlijk en zijn er zelfs eerder dan verwacht. Maar helaas regent het ook de hele dag pijpenstelen. Iets van het eiland zien zit er daarom niet in.

Zaterdagmorgen varen we 15 mijl verder naar Cairns, 'terug in de volledig bewoonde wereld'. We kunnen hier volop werken aan onze 'projectlijst', die de afgelopen week weer flink langer is geworden, met o.a. een gescheurde bimini en een klein scheurtje in de genua. Het hoort er jammer genoeg allemaal bij. Maar in Cairns is gelukkig ook genoeg vertier voor iedereen: zwemmen, winkels, terrasjes, uitstapjes. Neueu... We vervelen ons hier niet hoor!

Automatisch op de hoogte blijven van onze reis? Meld je aan via bovenstaande rss-button!