Oversteek Bali - Christmas Island

30-8-2013

Zo, de kop is eraf: de eerste 600 mijlen op de Indische oceaan hebben we glansrijk doorstaan, nou ja, bijna glansrijk...

Met de heerlijke smaak van Indonesië in ons geheugen gaan we dinsdag 27 augustus, na de koffie op de Luna Verde, trossen los. Op naar Christmas Island! We worden uitgezwaaid door Leo en Karen van de Duchess en door Made en zijn crew van Benoa Harbour.

De zee is vlak, de wind zou wat aan mogen trekken mag maar verder is het een prima eerste dag, een dag waarop iedereen aan boord zijn draai altijd even moet vinden en dat doen we door voor ons uit te staren, te slapen, een vislijntje uit te gooien, een boek te lezen, etc. Zo'n eerste dag op zee kun je bijna niet anders dan lui zijn.

's Nachts staren we naar de prachtige sterrenhemel en naar de opkomende halve maan die als een bootje tussen de sterren zweeft. We verwonderen ons over het fosforescerende spoor dat de Seaquest in het water achterlaat. Maren wil samen met mij de eerste wacht lopen. Om 11 uur wordt ze vanzelf in slaap gewiegd door de deining van de oceaan.

De volgende ochtend liggen de gangboorden bezaaid met kleine vliegende visjes. We geven ze allemaal een zeemansgraf, op twee na dan, die (blijkt na een halve dag) liggen te rotten onder de kuipvloer en in de kajuit, bah!

De tweede dag begint minder fraai. De beloofde wind wil maar niet komen en bovendien komt het kleine beetje wind dat we wél krijgen pál van achteren. De boel begint te klapperen en te flapperen en we schieten niet echt op, dit alles tot grote frustratie van onze kapitein. We besluiten de genaker op te zetten, om een beetje meer snelheid te kunnen maken.

En dan gebeurt het: we zijn stuurloos, wat is er aan de hand?!? We maken een rare slag en doordat we plotseling in de wind draaien zit ons hele want ingepakt in genakerdoek. We hebben de genaker in gedachten eigenlijk al afgeschreven maar proberen toch te redden wat er te redden valt. We proberen weer voor de wind weg te draaien waardoor de genaker uit de knoop raakt, wild begint te slaan en uiteindelijk ook nog eens losraakt aan de onderkant. Nee!

Eén meevaller tussen de tegenvallers: op de automatische piloot kunnen we nog sturen maar gek genoeg lukt handmatig sturen niet. Maar goed, we kunnen in ieder geval weer koers houden. Huib Jan tovert zijn oerkrachten tevoorschijn om de genaker binnen te halen, wat lang niet meevalt. Na heel veel zwoegen, zweten en schelden (dat helpt...) krijgt hij het gelukkig voor elkaar. Hij is he-le-maal kapot. Droogjes merkt hij op: "Zo, ik hoop dat je ervan hebt genoten Jannet want voorlopig heisen we dat ding niet weer."

De allergrootste uitdaging blijkt echter ons roer te zijn: het roerliever is losgebroken van de roerkoning. We hebben dringend een lasser nodig, die we op Christmas Island hopen te vinden. Een noodreparatie uitvoeren lukt helaas niet en dat betekent dat we op de automatische piloot de baai bij Christmas Island in zullen moeten varen en een mooring oppakken. Een uitdaging, zeker 's nachts...

Na dit vervelende intermezzo is het de rest van de tocht genieten. De wind trekt aan en de zee blijft vlak; Huib Jan is weer blij en ook de Seaquest is in haar nopjes. Onze snelheid loopt steeds meer op, zonder dat we het eigenlijk in de gaten hebben. Uitschieters boven de 10 knopen zijn geen uitzondering. Zelden hebben we zó hard en tegelijk zó comfortabel gezeild. Kicken!

Vrijdag rond het middaguur hebben we nog 60 mijl te gaan tot Christmas Island. Maren zit in de kuip haar spellingsles te maken, Huib Jan ligt te slapen en Linde maakt samen met mij een Cito-toets. We krijgen bijna een hartverzakking als er plotseling een vliegtuig heel laag overvliegt. En met laag bedoel ik écht laag: ze komen nog nét geen koffie drinken maar dat scheelt zonder overdrijven maar een paar meter. De 'Sealine 32' van de Australische kustwacht blijkt een routinecontrole te doen, goeiemorgen zeg! Op kanaal 16 vragen ze naar onze port of registration ("lima-echo-echo-uniform-whiskey-alfa-romeo-delta-echo-november", we kunnen het inmiddels dromen), port of departure ("Benoa") en port of destination ("Christmas Island") en wensen ons daarna nog een prettige reis. Nou, wij zijn wel even aan een pauze toe!

Vrijdagavond net na zonsondergang lopen we de baai Flying Fish Cove bij Christmas Island binnen. Een paar uur geleden al werden we begroet door honderden Jan van Genten, die rond de Seaquest vlogen, met de wind speelden en op zoek waren naar vis. Een werkelijk schitterend gezicht. In het schemerdonker pikken we een mooring op, sturend op de autopilot: een hele nieuwe ervaring en eigenlijk gaat dat verbazingwekkend goed. We nemen via de marifoon contact op met customs, met wie we morgen om 10 uur afspreken bij de jetty om in te klaren. Maar nu eerst slapen en, o ja, morgen een lasser regelen...

Automatisch op de hoogte blijven van onze reis? Meld je aan via bovenstaande rss-button!