Logboek mei 2014

De Britse Maagdeneilanden

Geplaatst op 20-5-2014

Daar ligt ze dan, na een natte maar mooie nachttocht vanaf Sint Maarten: de dikke maagd, oftewel 'Virgin Gorda'. Ooit werd dit eilandje door Columbus zo genoemd, omdat het de vorm heeft van een dikke liggende dame. En met een beetje fantasie zien we haar inderdaad 's ochtends lekker lui aan de horizon liggen. Daar zien we de humor wel van in.

Het is prachtig spelevaren tussen de Britse Maagdeneilanden, kortweg BVI's. De eerste dagen komt de regen jammer genoeg met bákken uit de hemel. We wachten geduldig op mooier weer, werken wat klusjes af en belanden uiteindelijk in een hilarisch spelletje party & co samen met Thijs en Wilma om daarmee de regenachtige avond te vullen.

Als de lucht is geklaard kunnen we gaan genieten van dit zeilersparadijs: de ene na de andere mooie baai, allemaal op piepkleine afstandjes zeilen van elkaar. We varen 'even' naar The Baths, een bijzondere geologische rotsformatie op de zuidpunt van Virgin Gorda. Grote granieten rotsblokken lijken hier zo uit de lucht te zijn gevallen. In werkelijkheid is het zachtere lavagesteente door erosie verdwenen en zijn de granieten reuzen op een wonderlijke manier overgebleven. We klimmen over de rotsblokken heen, kruipen er onderdoor, wurmen onszelf er tussendoor en waden door ondiep water, om uiteindelijk uit te komen bij een prachtig baaitje met dito strand. Voor de tweede keer tijdens onze reis zorgt deze omgeving voor mooie plaatjes. Wat voelen we ons klein en nietig!

Daarna varen we door naar Trellis Bay, op Beef Island. Het is een knusse baai die bomvol ligt, vooral met charterboten, maar dat mag de pret niet drukken. Maren en Linde zien direct bij aankomst de 'Isola' mét Rosa en Julian liggen. Een paar dagen later arriveert ook de Boomerang met Nick en Luuk, die het kinderfeest compleet maken. In de rubberboot varen de kinderen naar het strand; ze spelen dat het een lieve lust is en beleven zelfs een heuse sportdag op het strand, georganiseerd door één van de ouders, met ringwerpen, estafettelopen, voetballen, spijkerpoepen, een kruiwagenrace, etc. etc. Uitrusten doen ze met z'n allen tegelijk in een 'megagrote' hangmat. Tijdens de 'full moon party' in Trellis Bay is er vertier voor jong en oud met live muziek, prachtige vuursculpturen, vuurdansers, steltlopers en: vrienden om ons heen. Wat een leven!

Met Thijs en Wilma ga ik naar de hoofdstad Road Town op Tortola, al klinkt 'stad' in dit geval ietwat overdreven. Road Town bestaat voornamelijk uit kleine kleurrijke huisjes in vrolijke kleuren, uit smalle straatjes, opvallend veel kerkjes en nóg meer loslopende kippen, vooral midden op de weg. We vragen in Road Town een verlenging aan van onze verblijfsvergunning op de BVI's: het Azoren Hoog wil maar niet komen en het begint er daarom steeds meer op te lijken dat we niet binnen een week kunnen vertrekken naar Bermuda. Als we de weg vragen naar het immigratiekantoor, krijgen we een wel héél bijzondere routebeschrijving: "You go straight ahead at the roundabout. You know what a roundabout is? That's where they sell the coconuts, mango's and pineapples." Haha! Dat klinkt veel gezelliger dan een druk verkeerspunt!

Ondertussen heeft Huib Jan het druk met onze gecrashte boordcomputer: de tweede in een half jaar tijd en nog steeds onmisbaar voor de navigatie. Bart is daarbij vanuit Nederland een geweldige steun maar ook dichterbij zijn de hulptroepen gewillig in de vorm van Thijs en David. En dat loont: na een paar dagen zweten doet de computer het weer! Keep the fingers crossed...

Weer twee uurtjes varen is het naar Cane Garden Bay, op Tortola. Het is een prachtige beschutte baai, verscholen tussen de groene heuvels maar ook met een weids uitzicht. Een lang wit strand, kristalhelder water, prachtige zonsondergangen, overdag tropische vogelgeluiden en 's nachts tjirpende krekels maken het helemaal 'af'. Maar liefst vijf Nederlandse boten liggen gebroederlijk in de baai naast elkaar: de Boomerang, Luna Verde, Isola, D-jay en de Seaquest. Maren en Linde hebben Nick, Luuk, Rosa, Julian én het strand op zwem- c.q. SUP-afstand, wat wil je nog meer?

Nog één keer willen we naar Jost van Dyke, een eilandje waar we fijne herinneringen aan hebben. Jost van Dyke laat zich nog het best omschrijven als 'gezellig rommelig'. Aangespoelde rotzooi wordt tot decoratie verheven, de hoofdweg is een zandpad en de sfeer is altijd goed. Een pain killer of rum punch smaakt hier nóg beter als je hem met natte dollars (van het zwemmen) betaalt en 'm vervolgens met je vrienden opdrinkt terwijl je tot je middel in het helderblauwe water staat. RELAX staat hier in de lucht geschreven.

Een bonusweek in de Caraïben hebben we maar mooi te pakken. Maar na twee prettige weken wachten op gunstige wind wordt het toch eens tijd om te vertrekken, voordat het orkaanseizoen zijn intrede doet. We gaan naar Nanny Cay Marina op Tortola om de laatste voorbereidingen te doen en hopen donderdag 22 mei te kunnen vertrekken naar Bermuda: 800 mijl pal naar het noorden. Dat zal best even wennen zijn. Waar hadden we de dekens, vesten en jassen ook al weer gelaten?

Link + foto's

Sint Maarten en Saba

Geplaatst op 7-5-2014

Onze to do lijst, tja... wat zal ik ervan zeggen? Geduld is een wel zéér schone zaak op Sint Maarten. Maar met wat overredingskracht en doorzettingsvermogen zijn de meeste klussen op de Seaquest binnen anderhalve week geklaard: onze oude, roestige ankerketting is vervangen door een spiksplinternieuwe, alle in het niets verdwenen houten pluggen zitten weer in het teakdek, de scheur in het grootzeil is gemaakt, de dinghy is gerepareerd, het onderwaterschip is vrij van aangroei, de generator en motor zijn ontzéttend vertroeteld door onze kapitein, etcetera, etcetera en zo is de boot eigenlijk wel klaar voor de allerlaatste oceaanoversteek van onze reis.

Rond de Seaquest zwemmen opvallend veel schildpadden; méér dan drie jaar geleden, die indruk hebben we, en dat is een positieve ontwikkeling! Pelikanen zorgen iedere dag weer voor veel vermaak in de baai. Ze maken indrukwekkende stortduiken in zee; met veel succes want 9 van de 10 keer komen ze met een visje in de bek weer boven. Zo nu en dan komen er ook een paar dolfijnen op bezoek in de baai. We laten alles nog maar eens flink op ons inwerken.

Op 30 april staat heel Sint Maarten op de kop: het is carnaval. Onderweg naar Philipsburg komen we muurvast te zitten in het verkeer. Vier uren lang kunnen we niet vooruit noch achteruit, omdat de carnavalsparade langskomt. Er zit maar één ding op: meegenieten met de feestende massa. Vrachtauto's met wel héél veel kubieke meters luidsprekerbox zorgen voor de decibellen; opvallend ronde dames die veel blootgeven zorgen voor de rest van de sfeer. De kleuren zijn oogverblindend, de muziek is oorverdovend maar het is carnaval, dus we zeuren niet, integendeel. Vooral Linde vermaakt zich opperbest: ze gaat met dames in alle kleuren (vooral roze!) op de foto.

Het contrast kan haast niet groter zijn met ons bezoek aan Saba twee dagen later. Met de ferry ga ik, samen met Janneke en Wilma, naar 'the unspoiled queen', zoals Saba ook wel wordt genoemd. En inderdaad: Saba is 'unspoiled' en blijft zoals ze is: authentiek, eenvoudig, gastvrij, respectvol en vooral ook: uniek. Meteen al bij aankomst op de kade voel ik me thuis. Iedereen groet elkaar, iedereen helpt elkaar en de sfeer is gemoedelijk. Onze taxichauffeuse Joanna past helemaal in dat plaatje. Heerlijk, wat een warm bad!

Joanna laat ons in een paar uur tijd de hoogtepunten zien van Saba. Keurig onderhouden 'gingerbread' huisjes met dito tuintjes flankeren de smalle straatjes van de vier dorpjes die Saba telt. Allemaal hebben ze witte geveltjes, rode daken en groene luikjes. De groene 'Mount Scenery' torent boven alles uit. Deze vulkaan in ruste is met 877 meter officieel het hoogste punt van Nederland. Bijna altijd hangt er een mysterieuze wolk om de top in een verder strakblauwe hemel.

Verdwalen kun je niet op Saba want het eiland heeft slechts één hoofdweg, met de veelzeggende bijnaam 'the road that couldn't be built'. De beste wegenbouwers van over de hele wereld waren het er roerend over eens: een weg als deze aanleggen is onmogelijk. En dus besloten de Sabanen in 1939 eigenhandig (in de meest letterlijke zin van het woord) te bewijzen dat het wél kon; een indrukwekkend bouwwerk waaraan meer dan 20 jaar werd gewerkt en dat nu voor een spectaculaire rit over het eiland zorgt. Maar de weg is vooral een afspiegeling van de instelling van de Sabanen: 'samen maken we er het beste en mooiste van'.

Aan het eind van de middag gaat de ferry helaas al weer terug naar Sint Maarten. Veel te kort was ons bezoekje aan 'the unspoiled queen'. Maar ach, wie weet kom ik hier ooit terug.

Terug op Sint Maarten bereiden we ons verder voor op ons vertrek. De boodschappen voor de komende twee maanden sjouwen we aan boord en stouwen we weg in de kastjes. We zijn niet de enigen: als zwermen trekvogels verlaten de meeste schepen Sint Maarten, voordat het orkaanseizoen zijn intrede doet. Alsmaar leger wordt het in het anders zo drukke Simpson Bay, het centrum van de watersport. Boten trekken richting Europa, naar een 'hurricane hole' ergens in de Caraïben of: verder de wereld rond.

De Seaquest en haar bemanning is klaar voor haar 'trek' naar Europa. Maar eerst gaan we nog even naar de Britse Maagdeneilanden, weg van alle drukte, genieten van een paar mooie baaien, om over ruim een week het ruime sop te kiezen.

Link + foto's