Logboek juli 2014

Nachtmerrie in Brighton

Geplaatst op 30-7-2014

Het einddoel van onze wereldreis is in zicht. Voor ons gevoel zijn we in Engeland zelfs al een beetje aan het thuiskomen. We zijn er helemaal klaar voor. Maar je moet nooit te vroeg juichen, zo leert moeder natuur ons met harde hand...

Het is maandagmorgen 8 uur; over vijf nachten zijn we weer thuis! We zijn nog aan het twijfelen of we vandaag wel of niet zullen vertrekken vanuit Brighton. Want het onweert en de regen komt werkelijk met bákken uit de hemel. Het lijkt er op dat we het ergste deel van de bui hebben gehad. En dan... plotsklaps verandert ALLES, in een fractie van een seconde. We horen en voelen een oorverdovende knal, vuurballen razen over het dek en de motor van de boegschroef begint spontaan te brullen. De Seaquest wordt getroffen door een enorme blikseminslag! Dit is niet goed! We zetten snel de hoofdschakelaar uit, om de boegschroef te stoppen, en kijken elkaar beduusd aan. De kinderen kruipen me geschrokken aan. "Het is goed gegaan..." weet ik nog net uit te brengen.

Overal om ons heen steken mensen hun slaperige hoofden uit de luiken. De gezichten spreken boekdelen: Schrik. Ongeloof. Bezorgdheid. "Ik zag een vuurbal inslaan in de top van jullie mast!" horen we onze achterbuurman geschrokken zeggen. "Is iedereen veilig?" Pas dan dringt de ernst van het gebeurde écht tot me door. Of eigenlijk van wat er had kúnnen gebeuren. Ik vind ons eigen reisverhaal nu een beetje té stoer worden en sta ineens te trillen op mijn benen. Gelukkig zijn we alle vier ongedeerd. We hebben een engeltje op onze schouders gehad, realiseer ik me.

Wij zijn dan misschien ongedeerd maar de Seaquest, dat is een ander verhaal... Ze is lamgeslagen. In 'no time' staan er allemaal mannen aan boord om de schade te onderzoeken. Al bij een eerste inventarisatie ontstaat er een behoorlijke lijst van dingen die kapot zijn. De schade blijkt vooral in de elektronica te zitten: de autopilots, navigatie- en communicatieapparatuur, generator, hydrauliek en boegschroef hebben het loodje gelegd en de verlichting is letterlijk geëxplodeerd. In de loop van de dag wordt de lijst alsmaar langer; dingen die eerst lijken te werken, blijken later toch defect. Dit was vól in de roos, dringt het langzaam tot ons door. Maar we gaan niet bij de pakken neerzitten, integendeel. We gaan aan de slag! Dat leidt af en dat lost op. We willen alles op alles zetten om op tijd in Harlingen te kunnen zijn. We besluiten ons vooral te richten op reparatie van díe dingen, die belangrijk zijn om veilig thuis te komen. De rest doen we in Nederland wel.

Ondertussen worden we in de watten gelegd door Willem en Martine, die met een dikke knuffel en lekker eten ons weer stabiel op beide benen krijgen. De buren van de Fuga -die we nauwelijks kennen- nemen Maren en Linde de hele dag onder hun hoede, zodat wij de handen vrij hebben. Het geeft een fijn gevoel, die saamhorigheid om ons heen.

Na twee drukke, 'heftige' dagen durven we het aan om de zee weer op te gaan. We willen eerst naar Dover, om te testen of de cruciale dingen het écht doen en het ook blijven doen, voordat we oversteken naar Nederland. Zwaar gehandicapt, zo voelt het, gooien we de trossen woensdagochtend los. We zijn een beetje gespannen; de Seaquest is al die voltages dan misschien al lang weer kwijt - wijzelf staan duidelijk nog onder hoogspanning. Het rotsvaste vertrouwen in ons prachtige schip is ver te zoeken. Iedere verandering is verdacht en overal ligt de twijfel op de loer. Ik ruik plastic: kan het kwaad? Waar komt die brandlucht vandaan? Zat ik nou met mijn knie tegen de gashendel of ging de motor uit zichzelf minder toeren draaien? Zullen de zeilen zwartgeblakerd uit de mast rollen? Zonder na te denken kijk ik op klokjes en druk ik op knopjes die het helemaal niet blijken te doen. Ik heb nog nooit zó'n onbestendig gevoel gehad op zee, me nog nooit zo 'niet thuis' gevoeld op de Seaquest. Welke lijken komen er nog meer uit het vooronder van een door de bliksem geraakt schip?

Aan het eind van de middag komen we, iets geruster dan toen we vertrokken, aan in Dover. Het lijkt erop dat we in ieder geval in Nederland kunnen komen. Heel langzaam laat ik een gevoel van opluchting toe. Nu op naar een mooi en happy end van onze reis!

***Dus... het gaat écht gebeuren: zaterdag 2 augustus rond 15.30 uur aankomst van de Seaquest in de Noorderhaven in Harlingen!***

Link + foto's

Engeland: Beaulieu, Southampton en Cowes

Geplaatst op 27-7-2014

We beleven veel mooie momenten deze week; een week, die vooral in het teken staat van 'nog even' tijd met z'n vieren en van de bijzondere ontmoetingen.

De Beaulieu rivier is misschien wel één van de mooiste plekken aan de Engelse zuidkust om met je boot te liggen. Via het smalle riviertje varen we stroomopwaarts, naar een prachtige overnachtingsplek. We liggen met onze grote 'bak' bijna klem tussen de droogvallende rivieroevers. Prachtige luchten en heel veel vogels omringen ons. De totale rust zorgt voor een weldadige nachtrust. De volgende dag wanen we ons in het Engeland van minstens 100 jaar geleden in het Motor Museum en het statige Palace House.

Als we na twee dagen weer stroomafwaarts varen, probeer ik iets te veel te genieten van de prachtige omgeving. Eigenhandig stuur de Seaquest iets te ver buiten de betonning. Van het ene op het andere moment zitten we muurvast. Het is afgaand water. Wat voel ik me dom! Wel een uur lang zijn we bezig om de Seaquest weer los te 'wroeten'. Een heel klein, onverwacht zuchtje wind op een verder windstille dag is onze redding. We komen een heel klein beetje scheef te liggen - precies genoeg om los te komen. Oef! Dit was een narrow escape...

In Southampton lijkt de Seaquest regelrecht uit Madurodam te komen, bij het passeren van alle grote containerschepen. Die schepen worden volgeladen met duizenden -misschien zelfs wel meer- spiksplinternieuwe Mini's, Landrovers, Daimlers en andere auto's van Engelse makelij. Southampton is een industriestad, hier en daar armoedig maar toch ook interessant en met veel historie, niet in de minste plaats omdat hier ooit de Titanic is vertrokken voor haar eerste en meteen ook laatste reis. Maren kan haar hart ophalen in het SeaCity Museum, dat bijna geheel aan de Titanic is gewijd.

We gaan op familiebezoek bij nicht Janine en haar man Neil, waar we ook oom Dick, tante Tineke, achterneef André en zijn vriendin Francesca ontmoeten. We krijgen een warme ontvangst en het is zó gezellig, dat we rond middernacht nóg niet zijn uitgepraat. Gelukkig wonen we vanaf nu weer een beetje dichterbij.

In zeilerswalhalla Cowes worden we 's ochtends wakker van allemaal geluiden rond de Seaquest, na een rustige nacht aan een mooring. We zijn stomverbaasd als we onze hoofden naar buiten steken: we liggen midden in een regatta! De wedstrijdboten zeilen links en rechts rakelings langs de Seaquest. Mogen we hier eigenlijk wel liggen? Even later komt de havenmeester langs: "This the best place to watch the race!" zegt hij enthousiast. Niks aan de hand dus.

Net voordat we de haven van Brighton binnenvaren zien we de Flying Swan op de A.I.S. We hebben Willem en Martine ruim drie jaar geleden voor het laatst gezien op Antigua en nu komen we elkaar op zee weer tegen, heel bijzonder! Dat zij de dagen daarna getuige zijn van een blikseminslag op de Seaquest en daarna een enorme steun voor ons zijn, kunnen we op dat moment gelukkig nog niet bevroeden...

Link + foto's

Engeland - Falmouth en Lymington

Geplaatst op 21-7-2014

****Zaterdag 2 augustus tussen 15.30 en 16.00 uur meren we de Seaquest af bij café het Noorderke in Harlingen!****

We vinden het maar wát leuk in Falmouth. Waarschijnlijk is een week op zee sowieso al een goed ingrediënt voor een geslaagd verblijf hier. En de bemanningen van de Blue Fin, Luna Verde en Anna Sophia zorgen ook voor veel gezelligheid. Maar het is meer dan dat. Het is de mix van Falmouth's unieke ligging aan het water; de rijke geschiedenis rond de handel en het reizen over zee; de afwisseling van eb en vloed; de droogvallende vissersbootjes; de 'Cornish liquid sunshine'; de 'perfecte' kastelen en forten; de cottages langs de oever van de rivier; de overvloed aan Cornish pasties en fish & chips; de stoffige, smalle straatjes; de traditionele pubs met dorstlessende pints maar ook: de trendy restaurantjes, winkeltjes en galerietjes. Samen maken ze Falmouth zo uniek en ons verblijf heerlijk aangenaam.

We zijn duidelijk weer in het werelddeel van de efficiëntie en de effectiviteit: meteen de eerste dag na onze aankomst beginnen de reparaties. De genua en de kotterfok worden als eerste opgehaald door de zeilmaker en binnen een dag weer helemaal hersteld en teruggebracht. Een paar sterke mannen voeren vervolgens onze ouwe trouwe giek af. Ik vind het maar een raar gezicht: het is net of er een kop zonder kip over de steiger loopt! De schade wordt hersteld en de giek wordt voorzien van een rvs plaat om hem sterker te maken; niet eens een lelijke pleister op de wond. Tot slot neemt een gelcoat expert de schade aan de boeg onder handen en hij poetst meteen ook maar 'even' de romp en opbouw. De Seaquest ziet er daarna zó goed uit dat ze thuis vast niet geloven dat we de wereld rond zijn gezeild...

Mark en Helen hebben ook een wereldomzeiling gedaan. Samen hebben we o.a. op de meest oncomfortabele ankerplek van onze hele reis gelegen, bij Rarotonga. Dat schept toch een band. De laatste keer dat we elkaar zagen was in Fiji, twee jaar geleden. En nu, in hun thuishaven Falmouth, krijgen we een warme ontvangst, alsof we elkaar gisteren nog hebben gezien. Ze wonen in een typisch Engels huis in het dorpje Flushing, aan de overkant van de Penryn rivier. Een dag lang worden we vertroeteld met een lunch, 'tea and cakes' en een mooie wandeling langs de kustlijn en door groene heuvelachtige weilanden.

Helen vertelt ons dat Flushing vroeger Vlissingen heette. Het waren namelijk de Nederlanders die hier lang geleden de kademuren bouwden en het dorpje zo hebben genoemd. Omdat de Engelsen natuurlijk hun tong braken over die 'onmogelijke' Nederlandse plaatsnaam, is de naam later veranderd in de Engelse variant van Vlissingen: Flushing. Het is een schattig dorpje, prachtig gelegen aan de oever van de rivier en typisch Engels maar wél met hier en daar een delftsblauw tegeltje in de gevel. Heel bijzonder!

Samen met Sipke, Gerard en Adriënne stappen we in de trein voor een reisje door het mooie landschap van Cornwall. We gaan naar St. Ives, een badplaatsje op de zuidwestpunt van Cornwall, dat in Frankrijk niet zou misstaan. De afwisseling van zeemist en zon, de grote getijdenverschillen, de immens grote witte stranden, de karakteristieke bootjes die droogvallen pal voor de boulevard, de knusse restaurantjes en winkeltjes én een heerlijke lunch zorgen die dag voor een Frans vakantiegevoel.

Na een kleine week in Cornwall is het tijd om de zee weer op te gaan. In de beschutting van de Engelse kust is het relaxed spelevaren. De zon schijnt en de lucht is stralend blauw. 's Nachts worden we omringd door een heldere sterrenhemel. De halve maan verlicht de spiegelgladde zee. De Anna Sophia, Seaquest, Luna Verde en de Blue Fin hebben allemaal weer de neuzen dezelfde kant op: naar Lymington. Best gezellig zo! De grootste stoorzender van een verder perfecte dag op zee is een 'warship', dat waarschuwt voor schietoefeningen. Lekker is dat! Maar gelukkig vliegen, in plaats van kogels, alleen de Jan van Genten ons om de oren.

Als we de volgende ochtend de Solent opvaren, passeren we de markante witte 'needles', die na vier jaar wederom voor mooie plaatjes zorgen. We hebben behoorlijk stroom mee en 'denderen' daardoor over de Solent met een SOG van 11 knopen. Het water kolkt gewoon om de Seaquest heen! Het is alsof we de film terugspoelen. Vier jaar geleden voeren we hier met de Blue Peter, Elektra en Sophia richting het westen, op weg naar verre oorden. Nu varen we met de Anna Sophia, Luna Verde en Blue Fin richting het oosten, terug naar huis. Ik vraag me af wat spannender is: weggaan of terugkomen...

De Nederlandse vloot ligt even later afgemeerd in 'Lymington Yacht Haven'. Lymington is een leuk stadje: gezellig, compact en van alle gemakken voorzien. Het ligt direct aan de Solent en de watersport brengt veel gezelligheid met zich mee. Direct vanuit de haven maken we een prachtige wandeling langs de Solent en door de vroegere zoutpannen. We lopen langs half ondergelopen stukjes land, over sluisjes en bruggetjes. Links van ons grazen de koeien, rechts zeilen heel veel bootjes over de Solent en boven ons staat de zon zomers te stralen.

Bijzonder is een ontmoeting met Ariadne. We hebben elkaar in Zuid-Afrika leren kennen, hebben samen mooie momenten beleefd op Sint-Helena en nu treffen we elkaar in haar woonplaats Lymington weer. Het weerzien is 'als vanouds' gezellig. Onze gedeelde ervaring van rond de wereld zeilen verbindt.

En dan is het tijd voor afscheid. Vier jaar geleden kwamen we Thijs en Wilma voor het eerst tijdens onze reis tegen in Lymington. Laat dit nou nét de plek zijn waar onze wegen zich weer scheiden, althans wat betreft de wereldreis. De lieve woorden van Thijs en Wilma zijn hartverwarmend; een mooi begin van een spoedig weerzien in Nederland. Onze vriendschap is gevoed en gesterkt door de hele wereld en daardoor rotsvast. Maren en Linde krijgen een diploma uitgereikt, omdat ze de wereld rond zijn gezeild. Ze zijn apetrots: "Dit is mijn allereerste diploma," zucht Linde, een beetje overdonderd door alle aandacht. En daar kan ze maar wát trots op zijn. Want fietsen kan ze dan misschien nog niet, maar de wereld rondzeilen wél!

Link + foto's

Van de Azoren naar Falmouth, Engeland, 2-9 juli

Geplaatst op 10-7-2014

Wat zullen we doen? Terug naar de Azoren? Of doorvaren? De avond nadat we zijn vertrokken vanaf de Azoren hangt onze genua er, van het ene op het andere moment, bij als een slappe vaatdoek. In het donker kunnen we nog niet goed zien wát er aan de hand is maar één ding is zeker: die is afgeschreven voor de komende week op zee. Snel halen we het zeil binnen, om te voorkomen dat het 'massief' naar beneden komt en in het ergste geval in zee valt. Pas de volgende ochtend kunnen we zien wat de oorzaak is: het hijsoog is uit de genua gescheurd door de alles verwoestende UV straling, grrr! Maar ja, wat dan? Als we doorgaan zullen we behoorlijk moeten inboeten aan snelheid, waardoor we langer dan verwacht onderweg zullen zijn. Maar teruggaan, het zeil repareren en wachten op het volgende 'weather window' zal minstens twee weken langer gaan duren. Na veel wikken en wegen besluiten we daarom toch richting Engeland te blijven koersen. De kotterfok zal ons er wel doorheen helpen.

Dan is het tijd om te gaan doen waarvoor we hier zijn: er een gezellige week op zee van maken. Het is tenslotte de laatste lange oversteek met z'n vieren! We varen de eerste dagen op een relatief vlakke zee; de perfecte omstandigheden om walvissen en dolfijnen te spotten en dat doen we dus ook - héél dichtbij deze keer. Wauw! Het kapotte zeil wordt weer bijzaak gelukkig.

We varen midden in een armada van Nederlandse boten: de Luna Verde, Boomerang, Anna Sophia, D-Jay en de Seaquest zijn allemaal onderweg naar Zuid-Engeland. We zijn aardig aan elkaar gewaagd, wisselen praktische informatie uit (iedereen heeft zo zijn projecten...) en daarnaast is het vooral ook gezellig over de marifoon en via de kortegolfzender.

's Nachts trekt de Seaquest een lichtend spoor door het water, een spoor dat extra bijzonder wordt als ik de dieptemeter ineens op en neer zie gaan. Ik ga poolshoogte nemen en zie in de donkere nacht de oplichtende contouren van dolfijnen die rond de boot spelen. Wel een kwartier lang geniet ik van de oplichtende 'bommetjes' in het water... onbeschrijflijk mooi!

De volgende dagen op zee zijn grijs, grauw en nat. Ook 's nachts merk je dat want het is kil en aardedonker tijdens de wachten. Zowel de zon als de maan verstoppen zich achter een dik wolkendek. We blijven lekker binnen, zetten de verwarming aan en gaan wonen in een boek.

In de gematigde zone is het duidelijk anders zeilen dan in de tropen, met alle depressies en fronten die ons passeren. De tijd dat we de zeilen konden zetten en dagen achtereen dezelfde ruime koers varen, is voorbij. Hier komt het actievere navigeren en zeilen weer om de hoek kijken. In ieder front (en dat zijn er nogal wat) draait de wind van west naar noord én weer terug. Daar passen we onze koers steeds op aan, om het comfortabel te houden. We slingeren halfdronken, zo lijkt het, op ons doel af. De eerste dagen varen we een zo noordelijk mogelijke koers, richting Ierland. In de tweede helft van de oversteek, als de wind structureel meer naar het noorden draait, vallen we weer af, zodat we kunnen blijven zeilen richting Falmouth.

Ik betrap mezelf erop dat ik steeds vaker naar de horizon zit te staren. Met kinderlijke verbazing denk ik soms: "Goh, daarachter, ergens, ligt Nederland..." En dat is toch best bijzonder als je je realiseert dat we vier jaar geleden vanuit Nederland zijn vertrokken, dat we alleen maar vooruit zijn gevaren, dat we dus nooit op de 'terugweg' waren, en dat we over een paar weken toch weer aankomen in datzelfde Nederland waar we vier jaar geleden zijn vertrokken.

Nu we steeds dichter bij Nederland komen zorgt dat voor ambivalente gevoelens. De gebroken nachten, de grote verantwoordelijkheid voor gezin en boot, het onderhoud en de reparaties onderweg, nou die kan ik missen als kiespijn... Maar de zeeën van tijd, de eenvoud en intensiteit van het samen leven op een paar vierkante meter, het één zijn met de natuur, het elke dag weer iets nieuws ontdekken, het verleggen van heel veel grenzen, wat zal ik dat missen!

Als het laatste koufront gepasseerd is, klaart het op en gaan we opeens snel, recht op het doel af. Die kotterfok, zo blijkt, is eigenlijk zo gek nog niet op dit traject! Nog voordat we er ook maar een glimp van kunnen opvangen, ruiken we land; de geur van versgemaaid gras, een fris briesje in de lucht; het ruikt naar... thuis! Nou ja: bijna thuis :-) "Dat hebben we mooi weer even geflikt samen," zeggen we de laatste nacht op zee tegen elkaar. Iets te vroeg gejuicht, zo blijkt de volgende ochtend...

We horen een grote 'krak' boven onze hoofden. Een zéér verontrustende krak; zo eentje waarvan je gewoon weet dat het écht niet goed is. Onze ogen bevestigen wat we eigenlijk al weten: de giekneerhouder is met één ruk uit de giek gescheurd. Er zit daardoor een scheur (Hè?!? Een scheur? Is dat überhaupt mogelijk?) in de giek. Dit is pas écht vervelend! Huib Jan houdt zoals gewoonlijk het hoofd koel. Hij inspecteert de schade, past de zeilvoering aan en borgt voor de zekerheid de giekneerhouder met een lijn. "Zo halen we Falmouth wel," zegt hij geruststellend tegen me. Maar als hij even later gaat slapen zegt hij terloops: "O ja, wil je wel even opletten dat de giek niet verder scheurt?" Huh?!? Hoe doe je dat: opletten dat de giek niet scheurt?!? Hoe gaat dat dan? En wat moet ik in 's hemelsnaam doen áls het gebeurt? Daar heb ik geen ervaring mee en dat wil ik gráág zo houden! Ik wil eerlijk gezegd maar één ding: veilig en wel in Falmouth zijn...

Gelukkig blijf ik, ook na deze dag, een groentje op het gebied van 'verder gescheurde gieken'. Want een halve dag later zijn we, na 1200 mijl op zee, rond middernacht, zomaar ineens in Falmouth; niet helemaal zonder kleerscheuren maar toch! We worden letterlijk opgevangen door Gerard, Adriënne en Sipke van de Blue Fin. Het is twee uur 's nachts maar ze stáán er, alle drie, en ze bieden ons daarna ook nog een borrel aan! Heerlijk is dat, want na een week op zee heeft je hoofd altijd even tijd nodig om te landen. We laten de euforie van de aankomst even goed op ons inwerken. Falmouth: voor veel boten is het de springplank naar verre oorden maar voor ons is het de springplank terug naar Nederland! En de plek van een flinke to do lijst natuurlijk...

P.s.: Zaterdag 2 augustus tussen 15.00 en 17.00 uur aankomst van de Seaquest in Harlingen!

Link + foto's

Angra do Heroísmo, Terceira, Azoren

Geplaatst op 5-7-2014

Terceira, het is slechts 70 mijl varen vanaf Faial maar het is een wereld van verschil. Want de mannen? Die zijn er hartstikke gek! Ze organiseren op dit eilandje in de Azoren bijna dagelijks 'touradas a corda', oftewel stierenrennen. Dat is een oude traditie die nog springlevend is. De spelregels zijn simpel: de mannen gaan op straat staan, de vrouwen en kinderen op veilige afstand c.q. hoogte; vervolgens wordt er een doldrieste stier aan een heel lang touw losgelaten. Het gaat erom dat je de stier op zijn kop, tussen de hoorns, aanraakt en zonder kleerscheuren weer weg weet te komen. En als dát je lukt, tja, dán ben je de held.

Het is pure waaghalzerij in mijn ogen maar ja, aan de andere kant... als ze het tóch organiseren, nou, dan wil ik het ook wel eens met eigen ogen zien. Voor de gelegenheid trek ik mijn minst-opvallende-vooral-niet-rode vestje aan. We stellen ons verdekt op, tussen de vrouwen en kinderen. Er klinkt een schot in de lucht; een teken dat je op moet letten want de eerste stier wordt losgelaten. Hij wordt uitgedaagd met lappen, paraplu's, lege olievaten en autobanden. Het ziet er op het eerste gezicht bedrieglijk onschuldig uit. Tót de stier ineens uitpakt en keihard achter een paar mannen aanrent. Een paar tellen later zien we een man een paar meter door de lucht vliegen... Oeh! Stilte. Het spel stopt. Een ambulance arriveert. Er wordt iemand afgevoerd. Nog meer stilte. Einde van het vertier, zóu je denken... Maar nee hoor, alsof er niets is gebeurd wordt vijf minuten later 'gewoon' de volgende stier losgelaten! Ik weet niet zo goed wat ik hiervan moet denken. Dit is onnodige bravoure. Maar het is óók traditie. En dat ga je toch een beetje waarderen als je erbij bent geweest. Zolang ik zelf maar niet die held hoef uit te hangen.

We liggen met de Seaquest in de haven van het stadje Angra do Heroísmo, wat ironisch genoeg 'heldenbaai' betekent. Het charmante stadje staat op de Werelderfgoedlijst en terecht: overal zien we mooie geveltjes en gezellige straatjes. Zelfs de stoepjes zijn perfect in mozaïek gelegd. We hebben geluk: we pikken het staartje mee van het jaarlijkse Sanjoaninas festival, een week boordevol folklore, traditie en gezelligheid, vooral 's avonds laat.

Dat treft, want het Seaquest College is net de dag daarvoor opgeheven en dus hebben we vakantie! Na vier jaar zijn Maren en Linde weer klaar om op de vaste wal naar school te gaan, niet alleen wijzer geworden uit de boekjes maar vooral ook met een schat aan ervaringen in hun rugzakjes. De hele wereld was hun speeltuin én hun leerschool. Het is een emotioneel moment: naast een gevoel van voldoening merk ik dat er ook een last van mijn schouders valt. Het is best een hele verantwoordelijkheid (durf ik nu toe te geven) om je eigen kinderen zo lang les te geven en gemakkelijk is het ook niet altijd geweest; in mijn dubbelrol als moeder en juf, en dan ook nog op een schommelend schip, in ons onregelmatige leventje, was het soms best moeilijk om Maren en Linde te blijven motiveren. Maar bovenal hebben we samen veel plezier gehad op het Seaquest College. Ik ben hartstikke trots op mijn meisjes en op wat we samen hebben bereikt. Eerlijk gezegd zal ik het lesgeven zelfs een beetje gaan missen.

Het is gezellig in de haven van Angra do Heroísmo, met nog minstens acht andere Nederlandse boten om ons heen: de Luna Verde, Boomerang, Anna Sophia, Miles, Enjoyster, D-Jay, etc. brengen veel extra gezelligheid tijdens het Sanjoaninas festival en het WK Voetballen. Bijna allemaal 'wachten' we op een geschikt moment om de laatste lange oversteek van onze reis te maken, naar Zuid-Engeland of waar de wind ons ook maar brengt. Het weer is het gesprek van de dag.

Echt rustig liggen we niet in de haven. De Seaquest ligt, samen met alle andere boten, te rukken en te trekken aan de landvasten. Dat gaat er soms nogal heftig aan toe; zó heftig, dat we een bolder uit de steiger trekken en daardoor met onze boeg op de steiger klappen. Een lelijke schade is het gevolg en daar balen we flink van.

Ondertussen bestellen wij een pakketje uit Nederland, met daarin wat onderdelen voor de watermaker. "Dat zal wel weer even gaan duren," denken we nog. We zijn stomverbaasd als een paar dagen later onze bestelling op de Seaquest wordt afgeleverd, zonder vertraging en zonder gedoe. We moeten er nog even aan wennen dat we weer in het 'gewone' Europa zijn. Huib Jan repareert, met behulp van Thijs, de watermaker. Het resultaat mag er zijn: een watermaker die weer snort als een naaimachientje en die heerlijk zoet water produceert.

We hadden nog veel meer willen zien van Terceira en van de andere eilanden van de Azoren maar helaas zit dat er niet meer in. Er is namelijk een geschikt 'weather window' om naar Engeland te vertrekken. En aangezien zo'n moment zich niet iedere week voordoet, willen we hier gebruik van maken. We vullen de koelkast met veel lekkers van de vruchtbare grond van de Azoren: supermalse biefstukken, zoet en sappig fruit, fluweelzachte sperziebonen, courgettes zo groot als ballonnen en, last but not least, kaasjes die zó romig en smeuïg zijn, dat je je vingers erbij opeet als je niet uitkijkt. We zijn niet de enige boot die de trossen los gooit: zo'n beetje alle Nederlandse boten zetten koers richting Falmouth. Dat kan nog wel eens verdraaid gezellig worden op de oceaan!

P.s. Zaterdag 2 augustus rond 17.00 uur hopen we met de Seaquest aan te komen in de Noorderhaven in Harlingen!

Link + foto's